Boekgegevens
Titel: Korte geographische oefeningen, voor het eerste onderwijs in de kennis der geheele aarde: ten dienste der lagere scholen
Auteur: Prinsen, P.J.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey en Zoon, 1834
6e verb. dr; 1e uitg.: 1817
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7292
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201639
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte geographische oefeningen, voor het eerste onderwijs in de kennis der geheele aarde: ten dienste der lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
VRAGEN.
Wat behoort ieder inensch opder zijne eerjïi
hindigheden te . tellen ? — En wat verder ? —
Waarmede beginnen wij dus?
Welke zijn .de grenzen ? — Hoe groot is het ?
Welke is de luchtsgefleldheid ?
Hoe is de grond geftfld?
Welke zijn de voortbrengselen ?
Wat zegt gij van de inwoners? — Hoe groot is
hun getal?
Hoe is de Regeringsvorm? — Welken titfl draagt
de troonsopvolger ?
Welke zijn de voornaamjle wateren ? — Weet gij
er nog meer ?
Hoe wordt dit rijk ^ overeenkom [lig de grondA'ct ^
verdeeld ? — Hoe zullen die provinciën hier op el-
kandet' volden ?
NEGENDE LES.
De provinciën Groningen en Friesland,
I. Groningen. Van deze Provincie is het
land grootendeels laag, echter zijn er fchoone
weilanden, waarom de veeteelt het voornaamile
beflaan der inwoners is. Evenwel heeft men er
ook, vruchtbare akkers, die goed graan geven;
turf wordt er mede gemaakt. liet getal der inwo-
ners is 14ÖPP0,
Voornaam fte Steden, (i) Groningen,
eene