Boekgegevens
Titel: Korte geographische oefeningen, voor het eerste onderwijs in de kennis der geheele aarde: ten dienste der lagere scholen
Auteur: Prinsen, P.J.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey en Zoon, 1834
6e verb. dr; 1e uitg.: 1817
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7292
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201639
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte geographische oefeningen, voor het eerste onderwijs in de kennis der geheele aarde: ten dienste der lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
de eerste middaglijn van de eene pool naar de
andere en door het toppunt van eene plaats loo-
pen. Zij ftaan mede, van tien tot tien graden
van elkander.
Buiten deze cirkels zijn ter wederzijden van
den evenaar nog twee kleine cirkels getrokken,
als: twee op 23J graad afftand van den evenaar,
en twee op 23I graad afftand van de polen. De
eerste twee noemt men keerkringen en de twee
andere poolcirkels, wordende beide wederom on-
derfcheiden in noorder- en zuider - keerkring en in
noorder- en zuider-poolcirkel.
De keerkringen en poolcirkels verdeelen de op-
pervlakte der aarde in vijf luchtftreken, als: eene
verzengde luchtftreek, die tusfehcn de beide keer-
kringen ligt; twee gematigde, die tusfchen de
keerkringen en poolcirkels gevonden worden, en
twee koude luchtftreken, die binnen de pool-
cirkels liggen. D.e gematigde en koude luchtftre-
ken worden weder in noorder en zuider onder-
fcheiden.
VRAGEN.
Waartoe dient de tweederlei verdeeling van de
oppervlakte der aarde ? — Door welke afmetingen
bepaalt men de ligging der plaatfen ? — Wat is
breedte ? Wat is lengte ? — PFaardoor wordt
het bepalen der breedtf van eene plaats gemakke-
' - lijk