Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
Promesse, parole,
Belofte, woord.
83
LUI.
Promesse, parole.
Vous promettez sans cesse monts
et merveilles ... mais il n'en sort
que du vent.
Je m'en promets un grand plai-
sir. — Gare les mécomptes !
Sa main lui est promise, mais en
secret.
C'est de l'eau bénite de cour.
fig____Bien fou qui s'y fie!
Promettre et tenir sont deux. joro».
Tenez-vous cela pour dit. .. vous
aurez sa main.
Fais fortune, ma fille est ' à toi.
Laissez seulement.... j'en fais
mon affaire.
Allons, j'écrirai.... soyez sans
crainte.
Tiendrez-vous parole? — Comp-
tez-y.
Foi de gentilhomme!
Belofte, woord.
Gij belooft altijd gouden bergen...
maar 't loopt op niets uit.
Ik stel cr mij een groot genoegen
van voor. — Pas op dat het u niet
tegenvalt.
Zij is in stilte met hem verloofd.
Dat zijn valsche vriendschapsbe-
tuigingen .. . Dat moge een gek ge-
100ven.
Beloven en zijn woord houden
gaan niet altijd samen.
Heken er op . .. gij zult haar tot
vrouw hebben.
Zoo gij rijk wordt, kunt gij mijne
dochter ten huwelijk krijgen.
Laat dat maar ... ik zal het in
orde brengen.
Welaan, ik zal schrijven ... wees
onbezorgd.
Zult gij woord houden? — Ver-
laat er u op.
Op mijn ridderlijk woord!
LIV.
Faveur, protection, appni, soutien.
Il est fort bien en cour.
A la faveur de la nuit il a pé-
nétré dans l'hôtel.
Tu es homme à profiter de cette
faveur.
Il est en grande faveur auprès
du prince, qui le comble de bien-
faits.
Gunst, bescherming, steun,
hijstand.
Hij is zeer gezien aan het hof.
Door het nachtelijk duister be-
gunstigd is hij het hotel binnenge-
slopen.
Gij zult u deze gunst ten nutte
weten te maken.
Hij staat in hooge gunst bij den
vorst, die hem met geschenken over-
laadt.
' Est ponr sera.