Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
Espoir, perspective, avenir.
Il est dans une fort belle passe.
Cet écrivain est jeune, il a un bel
avenir devant lui.
Elle est en passe de devenir lec-
trice de la reine.
Hoop, uitzicht, toekomst. 75
Hij verkeert in een zeer gunstigen
toestand.
Deze schrijver is jong, en heeft
een schitterend vooruitzicht.
Zij heeft kans om voorlezeres bij
de koningin te worden.
XL VI.
Désespoir, désolation.
Je me désespère.
Tout n'est peut-être pas déses-
péré ... le Ciel aura pitié de vous.
Je suis au désespoir de devoir vous
le refuser.
Il le fît, mais en désespoir de
cause.
Le prince approche !... c'est fait
de moi.
Sans vous c'en était fait de lui.
S'il l'apprend je suis perdu.
A mon retour juge de ma douleur !
Vous êtes désolé de mon départ? —
Inconsolable !
La moindre de mes migraines le
désole.
Je serais désolé de partir.
Ce contretemps me désespère.
Je n'ai plus qu'à mourir.
Le commandant de désespoir s'est
brillé la cervelle.
Il fit un coup de désespoir et se
noya dans la rivière.
Je crains que, dans sa douleur,
il ne fasse un coup de désespoir.
Vous me ferez mourir de chagrin.
Je voudrais être à cent pieds sous
terre.
Wanhoop, verslagenheid.
Ik ben wanhopend.
Alle hoop is misschien nog niet
opgegeven. ... De hemel zal zich
uwer erbarmen.
Het doet me ontzettend leed, dat
ik u dit weigeren moet.
Hij beproefde het, doch als laatste
redmiddel.
De vorst komt!... 't is met
mij uit.
Zonder u was hij verloren.
Als hij het verneemt ben ik ver-
loren.
Stel u voor hoe bedroefd ik bij
mijne terugkomst was.
Zijt ge diep bedroefd over mijn
vertrek? — Ontroostbaar!
Al heb ik een weinig hoofdpijn,
dan is hij ongelukkig.
Het zou mij zeer leed doen, wan-
neer ik moest vertrekken.
Deze teleurstelling bedroeft mij
zeer.
Er blijft mij niets anders over dan
te sterven.
Uit wanhoop heeft de bevelhebber
zich doodgeschoten.
Hij deed een wanhopigen stap en
verdronk zich in de rivier.
Ik vrees dat hij in zijn smart een
wanhopigen streek uitvoert.
Gij zult mij van verdriet doen
sterven.
Ik wenschte dat ik honderd voet
onder den grond zat.