Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
Plainte, lamentation.
Klaclit, weeklaclit.
63
L'affaire était joliment rude!...
Dieu, avons-nous dû piocher!
Je n'ai plus de jambes.
C'est une indignité !
Elle est jolie votre humeur! iron.
Sur quelle herbe avez-vous donc
marché? ^
Voilà les griefs que j'ai. . . qu'en
pensez-vous?
Il a mal à la gorge.
'Vous Êtes gentil de me parler de
la sorte ! iron.
Les jambes me flageolaient.
La peur me donne la fièvre.
Grand Dieu, quel froid !... il
gèle à pierre fendre.
Dieu, comme te voilà fait!
Il fait si mauvais marcher!
Votre remède n'a fait qu'augmen-
ter mon mal.
Ces pauvres enfants, je les ai f;nt
pleurer.
Me faire passer pour coquette,
quelle indignité!
Mon fils a fait des écarts très-
condamnables.
Qu'est-ce que c'est que cet infer-
nal tapage?
Les misérables!... ils veulent
étouffer mon avenir dans un cloître.
Het was een ontzaglijk zware taak!...
wat hebben we moeten wroeten!
Ik kan me niet meer op de been
houden.
't Is schandelijk!
Ge zijt in een prettigen luim!
Zijt ge met den linker voet uit
bed gestapt?
Dat zijn mijne bezwaren .. , wat
dunkt u er van ?
Hij heeft keelpijn.
't Is nog al lief van u om mij
zoo toe te spreken!
Mijne beenen knikten.
Ik krijg de koorts van angst.
Mijn hemel! wat is 't koud!...
't vriest dat het kraakt.
Mijn hemel! wat ziet ge er uit!
Het gaan is zoo lastig.
Uw middel heeft alleen gediend
om mijn pijn te vermeerderen.
Die arme kinderen, ik heb ze aan
't schreien gebracht.
Hoe beleedigend, om mij voor een
behaagziek persoon te laten doorgaan.
Mijn zoon heeft zeer laakbare stre-
ken begaan.
Wat is dat voor een helsch leven?
De ellendigen!
toekomst
drukken.
in een
. zij willen mijne
klooster onder-
XXXV.
Rougeur, honte, confusion.
Le rouge lui monte au visage.
Elle m'en a fait rougir.
Laissez-les venir ! ... je veux les
confondre, les terrasser.
Blos, schande, schaamte.
Het bloed stijgt haar in het gelaat
(zij wordt rood van schaamte).
Zij heeft er mij over doen blozen.
Laat hen maar komen !... ik zal ze
tot zwijgen brengen en verlegen maken.
* C'est ce qu'on dit à quelqu'un dont l'humeur est maussade sans qu'on sache pour-
quoi. On croyait jadis les herbes capables d'opérer rien que par le contact. Les Ro-
mains disaient d'un homme qui s'emporte à tout propos : Teiigit îa^idem a cane morsuni.