Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
60 Emotion, attendrissement,
Gemoedsaandoening, verteedering.
L'émotion m'a enlevé toutes mes
forces.
Ton sentiment t'entraîne.
Il a versé des larmes d'attendris-
sement.
Ils n'ont point d'entrailles.
Il s'agit bien de cet étalage de
sensibilité! iron.
De aandoening heeft mijne krach-
ten uitgeput.
Ge laat u door uw gevoel meeslepen.
Hij heeft van aandoening geweend.
Zij hebben geen gevoel.
Zulk een vertoon van gevoeligheid
komt hier nog al te pas!
XXXIII.
Calme, modération.
Là, là ! du calme !
Soit dit sans vous tâcher!
Qu'est-ce qui vous fâche ?... voyons,
expliquez-vous.
Vous vous laissez emporter par le
premier mouvement.
Il s'est emporté pendant que je
le reprenais tout doucement.
S'emporter ainsi à l'idée de mon
mariage ! ... comme c'est bizarre !
Ta bonté et ta douceur m'ont tou-
jours désarmé.
Cela lui fit perdre contenance.
J'espère que ce remède adoucira
vos souffrances.
Il ne m'a laissé ni paix ni trêve.
Oui, oui, ma chère, je vais me
calmer.
Il est vif comme la poudre . ..
ménagez-le.
Je suis d'une colère ! — Calmez-
vous donc!
Kalmte, gematigdheid.
Zacht! zacht! bedaard aan!
Neem het mij niet kwalijk!
Wat hindert u ? ... komaan, er
mee voor den dag.
Gij laat u door de eerste opwel-
ling meeslepen.
Hij is driftig geworden terwijl ik
hem liefderijk berispte.
Om bij het denkbeeld aan mijn
huwelijk zoo op te vliegen ... hoe
zonderling!
Uw goedheid en zachtheid hebben
mij altijd verteederd.
Hierdoor werd hij bedremmeld.
Ik hoop dat dit middel uw lijden
zal verzachten.
Hij heeft mij geen rust gelaten.
Ja, ja, mijn waarde, ik zal mij
bedaard houden.
Hij is zeer ontvlambaar. .. be-
handel hem zacht.
Ik ben zeer boos! — Bedwing
u dan!
XXXIV.
Plainte, lamentation.
En vérité, je vous plains.
De quoi se plaint votre fille?
Vous criez toujours famine.
Klacht, weeklacht.
Ik beklaag u inderdaad.
Waarover klaagt uwe dochter?
Gij klaagt altijd uw nood.