Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
4 Besoin, manque, de'fant, pauvreté. Behoefte, gebrek, gemis, armoede.
Ce pauvre diable ne vit que de
carottes, que de coquilles de noix.
Vivre ainsi, c'est prendre le che-
min de l'hôpital.
On lui a chipé son argent dans
le chemin de fer.
Eien ne donne du cœur comme
d'être sur le pavé ... et j'y suis.
Il perdit sa fortune et pour com-
ble de malheur, on le destitua.
Vous avez compromis et dissipé
les deniers de votre pupille ... c'est
aifreux !
Il n'a rien mis de côté. '
De riche qu'il était il devint pauvre.
Une telle déconfiture est sans ex-
emple. — Xous devons cela au ré-
gime impérial.
Les découverts s'élèvent à 300,000
francs.
Il a déposé hier son bilan.
Et ceux qui jouaient à la bais-
se? — Déroute complète!
Ces gens tirent le diable par la
queue. i
Cette entreprise va à-vau-l'eau. ®
Deux-cents mille francs ont échap-
pé au naufrage.
Les échéances se pressent et les
rentrées ne se font pas.
Que de richesses follement dissi-
pées pour un vain éclat!
Achevez de solder vos dettes sur
vos économies.
Il écorche ^ les actionnaires sans
les faire crier.
Deze arme drommel leeft van den
afval.
Met zoo te leven moet men welhaast
zijn geheele vermogen verlie/.en.
Op den spoortrein heeft men hem
zijn geld gekaapt.
Niets wekt den moed meer op dan
broodsgebrek ... en in zulk een
toestand verkeer ik.
Hij verloor zijn vermogen en, tot
overmaat van ramp, werd hij afgezet.
Gij hebt het vermogen van uwen
pupil op 't spel gezet en verkwist. . .
't is schrikkelijk!
Hij heeft geen appeltje 'voor den
dorst bewaard.
Zoo rijk als hij was, zoo arm
werti hij.
Zulk een bankroet is ongehoord
of voorbeeldeloos. — Dat hebben
we aan het keizerlijk bestuur te
danken.
Het te-kort beloopt 300,000 francs.
Hij heeft zich gisterert insolvent ver-
klaard.
En zij, die op het dalen der koer-
sen spek u leerden ? — Geheel ten
gronde gericht.
Deze menschen hebben bard werk
om 't leven te houden.
Deze onderneming zal mislukken.
Twee honderd duizend francs heeft
men bij den schipbreuk gered.
De vervaldagen volgen snel op el-
kaar eu de betalingen blijven uit.
Hoe menigmaal wordt een groot
vermogen, in ijdel vertoon, op bui-
tensporige wijze verkwist!
Betaal uwe laatste schulden met
het overgebleven geld.
Hij stroopt den aktiehouders on-
gemerkt het vel van het lijf.
' Avoir peine à subsister, lutter avec le besoin. V. Hugo, dans sa Lucrèce
Borgia a paraphrasé cette métaphore. .
2 Proprement m descendant la rivière.
' Par allusion à la tonte des brebis, dont, en enlevant la toison, on entame sou-
vent la peau.