Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
156
Temps.
Je Tai vu ces jours derniers ^
(OU dernièrement).
Il faut que je le voie, ne fût-ce
que dix minutes.
Je suis sur le point de me marier.
C'est aujourd'hui que nous si-
gnons le contrat.
La cérémonie est ' pour dix heures.
Mon mari revint au point du
jour.
Voilà un habit qui a fait son
temps.
11 n'y a rien à faire pour le
moment.
11 n'a pas une heure à lui.
11 me faut cet habit pour dimanche.
Vous passerez un mauvais quart
d'heure.
Le talent n'est pas ^ à l'heure.
Cela se voit chaque jour.
Il rentre ordinairement de bonne
heure.
Il est encore de trop bonne
heure . . . attendez un peu.
Si matin sur pied!
Ça n'est pas de saison.
Elle met deux heures à sa toilette.
Votre procès se juge en ce moment.
Venez me voir... à quelque
moment que ce soit.
Est-il triste? — Oui, par moments.
C'est une idée du moment.
La semaine des trois jeudis.
Tijd.
Ik heb hem kortelings gezien.
Ik moet hem spreken, al ware het
slechts voor tien minuten.
Ik ben op 't punt van te trouwen.
Nog heden onderteekenen wij 't
contract.
De plechtigheid zal te tien uren
plaats heblien.
Mijn man kwam bij het krieken
van den dag terug.
Deze rok heeft uitgediend.
Voor 't oogenblik is daar niets
aan te doen.
Hij heeft zelfs geen uur tot zijne
beschikking.
Ik moet dezen rok aanstaanden
zondag hebben.
Gij zult een onaangenaam oogen-
blik doorbrengen.
Talent kan niet per schoft betaald
worden.
Dat gebeurt dagelijks.
Gemeenlijk komt hij bijtijds thuis.
Het is nog te vroeg... wacht een
beetje.
Zoo vroeg op de been!
Dat past hier niet.
Zij brengt twee uren door met
zich te kleeden.
Omtrent uw proces zal weldra uit-
spraak gedaan worden.
Kom mij opzoeken . . . wanneer gij
slechts wilt.
Is hij treurig? — Ja, met buien.
Dit is een invallende gedachte.
Met Sint-Jutmis.
' Quand il s'agit d'une période de temps de même espèce que celle où l'on se
trouve, l'adjectif se met toujours après le substantif.
' Se fera à dix heures.
^ Sous-entendu occupé ou employé.