Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
Vó2 Ingérence, immixtion, etc.
Inmenging, inlating, enz.
Un fou! un importun qui va nous
assommer.
Ce n'est pas votre affaire.
Eh bien ! par exemple, de quoi
vous raclez-vous?
Een gek, een indringtr, die ons
doodelijk vervelen zal.
Dat gaat u niet aan.
Wel, waar bemoeit gij u mee?
XCIL
Hâte, précipitation.
Ouf!... cent-deux marches tout
d'une haleine!
C'est le cas ou jamais de brus-
quer l'aventure.
11 a dû partir brusquement et
sans prendre congé.
En brusquant la partie je l'ai
perdue.
La nuit me presse de retourner
chez moi.
Le temps me presse.
Vous allez vite en besogne.
Allons, mon ami, vite à la be-
sogne !
Comme il arpente les rues!
Son Altesse m'a adressé à la bute
quelques compliments sur mon ar-
rivée.
Cet ordre on vient de me l'ap-
porter à toute bride.
Des qu'elle a un caprice, il faut
qu'il soit satisfait.
Partir ! m'écriai-je, aujourd'hui ? —
A l'instant même.
A ce que je vois, vous avez hâte
de partir.
Quatre lieues au grand galop,
comme c'est amusant!
Il faut conclure au plus vite ce
mariage.
Allons au plus pressé!
Vous allez un peu vite.
On allait vite sous le premier
Empire.
Six mille frans par an? ... comme
vous y allez !
Haast, overhaasting.
Drommels!... honderd twee tre-
den zonder adem te halen!
Nu of nimmer moet er een snel
besluit genomen worden.
Plotseling en zonder afscheid te
nemen is hij moeten vertrekken.
Door te stout te spelen heb ik
verloren.
De invallende nacht dringt mij
naar huis te gaan.
De tijd dringt mij.
Gij gaat vlug te werk.
Komaan, vriendlief, snel aan 't
werk!
Wat stapt hij vlug door de straten!
Zijne Hoogheid heeft mij in haast
bij mijn aankomst geluk gewenscht.
In allerijl brengt men mij daar-
even dit bevel.
Elke gril, die haar invalt, moet
dadelijk worden ingewilligd.
Vertrekken ! riep ik uit, en heden
nog? — Onmiddellijk.
Naar ik zie, maakt gij spoed met
uw vertrek.
Vier uren in stevigen galop ...
hoe prettig!
Dit huwelijk moet zoo spoedig
mogelijk tot stand komen.
Laten we beginnen met wat het
meeste haast heeft.
Gij zijt wat al te vlug.
Onder het eerste keizerrijk werd
men snel bevorderd.
Zes duizend francs 's jaars? ... gij
hebt goede plannen.