Boekgegevens
Titel: Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Auteur: Peschier, Adolphe; Gram, Johan
Uitgave: Leide: D. Noothoven van Goor, 1879 *
2e ed
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7238
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201633
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Esprit de la conversation française: recueil de gallicismes
Vorige scan Volgende scanScanned page
102
Calcu], compte.
Berekening, rekening.
mes sacrifices. — Que moi qui ne
les oublierai jamais.
Je vous demanderai compte de
ces injures.
Il s'est établi pour son compte.
Cela ferait bien mon compte.
Il a soixante ans bien comptés
(ou bien sonnés).
Toi, va compter avec la fermière.
C'est la seule gloire qui compte
et qui ne s'en aille pas en fumée.
A compter de demain j'habiterai
la campagne.
Plus de mille francs comptant?
Quel trésor!
Prenez-vous tout cela pour argent
comptant?
Tous mes pas sont comptés.
L'état de ma caisse n'est pas des
plus brillants.
Sans compter mon honneur à
moi.
Ce mariage a déjoué tous mes cal-
culs, renversé toutes mes espérances.
feringen ten goede. — Dan ik, die
ze nooit vergeten zal.
Ik zal u rekenschap van deze
beleedigingen vragen.
Hij heeft zich voor eigen reke-
ning gevestigd.
Dat zou mij bijzonder lijken.
Hij is een volle zestiger.
Ga gij eens met de pachtersvrouw
afrekenen.
Dit is de eenige ware roem en
die niet in rook opgaat.
Van morgen af ga ik op het
platteland wonen.
Meer dan duizend francs in kas?
. .. Welk een schat!
Neemt gij dat alles voor goede
munt aan?
Al mijne gangen worden bespied.
De staat van mijn kas is niet
zeer schitterend.
Zonder mijn eigen eer daarbij te
rekenen.
Dit huwelijk heeft al mijne bere-
keningen, al mijn hoop verijdeld.
LXVII.
Excellence, supériorité, plénitude.
Le voilà ce chrétien par excel-
lence !
Le beau chef-d'œuvre que vous
venez de faire!
Quelle otïense! — Bah, je suis
au-dessus de cela.
Que parlez-vous do richesse? . . .
Ma liberté, avant tout.
Prenez garde ! . .. il vous distan-
cera.
Il a pris l'avance sur vous.
Lui !. .. il ne me va pas à la
cheville du pied.
Voortreffelijkheid, meerderheid,
volheid.
Hier hebt ge dien christen bij
uitnemendheid !
Daar hebt ge wat fraais uitge-
voerd !
Welk een beleediging! — Wel
komaan, daarboven ben ik verheven.
Wat spreekt ge van rijkdom?...
Mijn vrijheid boven alles.
Neem u in acht!. .. hij zal u
overschaduwen.
Hij is u voorbijgestreefd.
Hij!. .. hij is bij mij niet te
vergelijken.