Boekgegevens
Titel: De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Deel: 2e stukje Getallen tot 1000
Auteur: Ploeg, J. van der
Uitgave: De Rijp: J.W. van Raven, 1894
2e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7227
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201629
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
25. Als 1 K.G. boter 65 centen kost, wat kosten
dan 12 K.G.?
26. Uit een vaatje wyn kan men 36 flessclien tap-
pen. Uit 22 zulke vaatjes tapt men.....
27. 11 X 28 = 280 + . . = . .
12 X 39 = 390 + .. = ..
13 X 43 = 430 + . . = . .
14 X 52 = 520 + . . = . .
12 X 48 = 13 X 29 = 11 x 56 =
28. Een kwartje = . . centen. 19 kwartjes zijn . .
Een boek papier = 24 vellen. 24 boek zijn . .
29. In een bosch zijn 26 rijen boomen. Op elke rij
staan 38 boomen. In dat bosch staan . . X • •
b. = . . b.
30. 24 X 24 = 20 X •• -f 4 X •• = ••+•• = • •
29 X 24 = 68 X 12 =
12 X 55 = 18 X 36 =
31. Een H.L. aardappelen weegt 66 K.G.; dan wegen
13 H.L. . . X • • K.G. = . . K.G.
32. Mijn zusje is 11 jaar of . . X • • weken = . . w.
33. In de week gaan wij 25 uren school, hoeveel
is dat in 24 weken?
34. Voor 1 K.G- tabak geeft vader 75 centen. Wat
moest hij geven voor 13 K.G. ?
35. Een winkeher ontving op Maandag 168 eieren
en op Dinsdag en Woensdag telkens 189 eieren?
Hoeveel ontving hij ?
36. Mietje ontving van een rijksdaalder op 2 centen
na een gulden terug. Hoeveel gaf zij uit?