Boekgegevens
Titel: De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Deel: 2e stukje Getallen tot 1000
Auteur: Ploeg, J. van der
Uitgave: De Rijp: J.W. van Raven, 1894
2e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7227
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201629
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
27. Tel op:
77 appels 63 noten 96 pennen
_85_^ 89 „ 85
. . a. . . n. . . p.
28. Mijn grootvader is 78 jaar en mijn grootmoeder
69 jaar; zij zijn samen oud . . j. -f . . j. = . . j.
29. Een kruidenier heeft 2 balen rijst, wegende 89
K.G. en 87 K.G. Hoe zwaar wegen ze te zamen?
30. Een fruitvrouw verkocht uit een mand appelen
98, waarna er nog 97 in bleven. Hoeveel appe-
len waren in die mand?
31. Een bakker bakte Dinsdag 96 brooden en Don-
derdag 88. Hoeveel bakte hij in die beide dagen
te zamen?
32. Als ik 81 centen heb en 59 moet uitgeven,
hoeveel houd ik dan over?
33. 74 4- 88 = . . 69 -f 74 = . .
96 + 75 = . . 83 + 38 = . .
82 + 79 = . . 75 + 69 = . .
34. Van een lap laken verkocht een koopman 85 M.,
waarna hij nog 97 M. overhield. Hoe lang was
die lap?
35. Bij 97 appels koopt moeder nog zooveel, dan
dan heeft ze......= . .
36. 94 + 87 = . . 57 -f 69 = . .
74 + 89 = . . 85 + 98 = . .
95 + 69 = . . 69 + 99 = . .
37. Een landbouwer zaaide eerst 94 L. haver en
daarna nog 97 L. Hoeveel zaaide hij met elkander?