Boekgegevens
Titel: De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Deel: 2e stukje Getallen tot 1000
Auteur: Ploeg, J. van der
Uitgave: De Rijp: J.W. van Raven, 1894
2e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7227
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201629
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
17
8. Aan de eene zijde van een weg staan 66 boo-
men en aan de andere zijde 63 boomen. Hoe-
veel boomen staan aan dien weg?
9. Een koopman verkocht op Maandag 72 M. lin-
nen en op Woensdag 84 M. Hoeveel verkocht
hij op beide dagen?
10. Tel op:
72 meters 93 liters 84 centen
64_^ ^2_^ 85_^
. . M. . . L. . . c.
11. Jan heeft in zijn spaarpot 68 centen en zijn
zusje 71 centen. Hoeveel hebben zij te zamen?
12.46 — 12 — 16 = .. 76 — 28 — 39 =
28 — 9 - 7 = .. 93 — 14 — 36 =
49 — 16 — 14 = .. 95 — 28 — 37 =
92 — 19 - 38 = .. 97 — 35 — 39 =
13. 4 t. 7 e. + 8 t. 3 e. = . . t. . . e. = . . t.
8 t. 2 e. + 7 t. 8 e. =
7 t. 7 e. + 5 t. 3 e. =
14. 84 + 96 = 80 + 90 + .. = ..+ 10 =. .
76 -f 74 = 59 + 81 =
15. 72 noten + 68 n. = . . n.
73 appels 4- 77 a. = . . a.
84 centen + 96 c. = . . c.
16. Bij 64 centen kreeg iemand 86 centen, toen
had hij . . c. -f . . c. = . . c.
17. Een wijnhandelaar verkocht 2 vaten wijn. In
'teerste waren 87 L. en in 't tweede 93 L.
Hoeveel verkocht hij te zamen?
2