Boekgegevens
Titel: De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Deel: 2e stukje Getallen tot 1000
Auteur: Ploeg, J. van der
Uitgave: De Rijp: J.W. van Raven, 1894
2e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7227
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201629
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
15
14. Eeii slager verkocht op Maandag 64 K.G. vleescli
en op Dinsdag 70 K.G. Hoeveel verkocht hij
in die beide dagen?
15. Grootvader is 84 jaar en grootmoeder 80 jaar.
Hoeveel jaren tellen zij met hmi beiden?
16. 26 db. + 8 gld. = 26 d. + . . d. = . . d.
29 db. -f- 9 g.
74 db. + 7 g.
17. Van een eind touw is 26 M. over, als er 9
D.M. worden afgesneden. Het touw is lang
. . M. + . . M. = . . M.
18. Bij 24 L. haver koopt vader nog 9 U.L. Hoe-
veel heeft hij dan?
19. 40 appels + 96 a. = . . a.
70 centen + 95 c. = . . c.
44 dubb. + 80 d. = .. d.
20. 80 + 98 = 50 + 96 =
60 + 74 = 80 4- 88 =
70 + 76 == 60 + 94 =
21. 90 + . . = 112 . . + 62 = 122
80 + . . = 156 . . 4- 88 = 138
70 + . . = 147 . . f 74 = 154
60 4- . . = 139 . . -f 35 = 145.
22. Een koopman heeft 39 lammeren. Hij koopt nog
80. Hoeveel heeft hij dan?
23. Van 96 centen gaf moeder 70 centen uit. Hoe-
veel had zij toen?
24. Als ik 90 vermeerder met 29, krijg ik . .
» , 86 „ „ 70, „