Boekgegevens
Titel: De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Deel: 2e stukje Getallen tot 1000
Auteur: Ploeg, J. van der
Uitgave: De Rijp: J.W. van Raven, 1894
2e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7227
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201629
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De hoofdregels: eenvoudige oefeningen voor het mondeling en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
u
5. Jan had 80 centen, zijn zusje 70 centen. Zij
hebben samen . . c. . . c. = . . c.
6. Aan een boompje hangen nog 80 appels; als er
al 50 afgevallen waren, dan hadden er aan ge-
hangen . . a. -f- . . a. = . . a.
7. Bij 80 K.G. rijst doet een kruidenier nog 70
K.G. Hoeveel heeft hij dan?
8. 90 centen + . . centen = 160 c.
. . appels + 90 appels = 170 a.
70 peren + . . peren = 150 p.
. . noten 4- 80 noten 110 n.
. . pruimen + 40 pruimen =120 pr.
9. In een grooten tuin staan 70 pereboomen en
evenveel appelboomen, dan staan er in dien
tuin . . b. + . . b. = . . b.
10. In een school zijn 90 jongens en 80 meisjes,
dan telt die school . . leerl. -f . . leerl. =. . 1.
11. 6 tienen 4 eenen -f- 7 tienen = . . t. . . e.
9 „ 5 „ + 8 ?? —
7 „ 7 » + 9 »
12. 92 + 80 = 67 + 70 =
56 + 60 = 99 + 70 =
87 + 50 = 64 4- 90 =
75 -f 70 = 83 + 80 =
96 + 30 = 78 + 40 =
13. 62 centen -f 60 c. = . . c.
86 noten + 90 n. = . . n.
64 appels -f 50 a. -- . . a.
87 dubb. + 60 d. = . . d.