Boekgegevens
Titel: Leesoefeningen voor kinderen volgens de leerwijze van den heer P.J. Prinsen
Deel: Vijfde stukje
Auteur: Picard, H.
Uitgave: Amsterdam: H. Höveker, 1855
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7203
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201621
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesoefeningen voor kinderen volgens de leerwijze van den heer P.J. Prinsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Hij zeide hun: ten da-ge als g^
daar-ran eet, zult gij den dood
ster-Ten.
7.
2/y Aad'den dan van dien boom niet moe-
ien e-ten. God had het regt^ hun dit ge-bod
te ge-ven; want Hij was hun Schep^per,
van wien ztj al-les ont-van^gen had'^den.
Ook had-'den zij toch nog vruch-ten ge-noeg.
Maar de mensch liet %ich ver^lei~den door
de slang, die tot hem sprak. Bij at van
dien boom, Al^%oo deed d^ mensch niet,
wat God ge bobden had: en dat is %on-de*
Zoo is door een mensch de %on-de in de we^
reld ge-ko~men, en door de %on-dey de dood,
8.
l)ie eer-8le men-schen vra-xen toer ge-luk-kig, voor dal tij
vau den ver-bo-den boom a-ten; maar daar-na wa-ren tij teer
on-ge-lukkigv Bij de lon-de wint men niets. En nu doen
al-le men-8chen ton-de. Het kind doet ook zon-de; want
lyn hart is boos, cn niet meer rein, loo als het hart Tan
den eer-sten mensch, toen by nog niets i^daan had, da.t
kwaad wai in de oo-^oti des Uee-ren.