Boekgegevens
Titel: Leesoefeningen voor kinderen volgens de leerwijze van den heer P.J. Prinsen
Deel: Vijfde stukje
Auteur: Picard, H.
Uitgave: Amsterdam: H. Höveker, 1855
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7203
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201621
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesoefeningen voor kinderen volgens de leerwijze van den heer P.J. Prinsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
mm
16
G4jf die ge-ducht xijt in ver-mo-geny
Ver-draagt de godrde-loos-heid niet}
Gij zultf O Godf die V al door^jsiet!
Den loo-jse voor uw hei-lig^ oogen.
Geen-zins ge-doo-gen»
20.
Dat is nu het eind van den menschy en
ook van het Kind, dat in %ij-ne zon^den
voort-'gaai en in zij-ne zon-den sterft: want
God is hei-lig, daar-om kan Hij het kwaad
niet aan-schou-wen, en Hij is regt^vaar^
dig ^ daar-om straft Hij hei kwaad. Maar
God is ook lief de en ge^na-dig^ en daar-
om heeft Hij den zon-daar een weg ge-o-
pendy om van een eeu-wig ver-derf te ont
ko-men. De Hee-re Je-zus is die weg, en
wie langs dien weg het eeu-wig le-ven
zoekt y zal het vinden.
Zoo gij in 't regt wilt tre-dcn,
O Keer! en ga-de-slaan
Onz* on-ge-reg-tig-he-den;
Ach! wie zal dan be-staan?
Maar neen, daar is ver-ge-Ting
Al-tijd bij U ge-wcest;
Bies wordt Gij, Heer? met be-ving,
Regt kin-der-lrjk ge treesd.