Boekgegevens
Titel: Een trapje hooger: leesboek voor de lagere school (het tweede der nieuwe serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1899
9e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7058
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201559
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Een trapje hooger: leesboek voor de lagere school (het tweede der nieuwe serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
65
Het paard en de musch.
Het was in het hartje van den zomer en het
was erg warm. Voor de herberg in liet dorp stond
Bruintje aan de ruif; maar hij had volstrekt geen trek
in eten. Hij had ook zwaar moeten werken, in die
brandende hitte, en was veel te moe. En dan kwa-
men die ondeugende vliegen hem nog plagen op
den koop toe. liij honderden liepen ze over zijn lijf
en als hij ze met zijn staart wegsloeg, dan kropen ze
allemaal naar zijn kop. En wat staken die beesten
gevoelig, met de warmte! 't Arme paard was erg ver-
drietig, en in zijn haver had hy in 't geheel geen trek.
Daar kwam een musch aanvliegen; die keek
Bruintje eens aan, en loerde ook eens met haar kleine
brutale oogen naar de ruif. Zij wou haar buikje wel
eens vol eten aan die lekkere haverkorrels.
„Zou ik 't vragen?? dacht zij: „wel ja, waarom
zou ik niet; Bruintje zal my niet opeten!"
Musch dribbelde nog een eindje vooruit en vloog
toen op de ruif, om dicht genoeg bij 't paard te
wezen, dat zy met hem zou kunnen praten.
„Bruintje!" sprak zij toen, „ik heb zoo'n honger
flen trapje hooger. 2e d. K. S. 9e dr. 5