Boekgegevens
Titel: Een trapje hooger: leesboek voor de lagere school (het tweede der nieuwe serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1899
9e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7058
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201559
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Een trapje hooger: leesboek voor de lagere school (het tweede der nieuwe serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
trok hem mede naar de slaapkamer van Vader en
Moeder. „Kind, wat doet gij?" vroeg Vader, toen
zij daar kwam. „Wat scheelt er aan?" Maar Jetje
begon, zonder te antwoorden, haar versje op te
zeggen, terwijl Jacob stond te bibberen van de
kou. Daar riep de nachtwacht: „Twaalf heeft de
klok; de klok heeft twaalf!" „Allo", riep Vader,
„gauw naar bed! 't Is middernacht, kind. Grauw,
gaat maar spoedig slapen!" Jacob liep weg, zoo
hard hij loopen kon, en Jetje volgde hem beschaamd.
Den anderen morgen zeide Jacob zijn versje op;
maar Jetje durfde niet, zoo veilegen was zij, omdat
zij zoo ongeduldig geweest was.
Na dien tijd heeft zij haar ongeduld al heel wat
afgeleerd, en als 't weer eens gebeurt, dat zij wat
haastig is, zegt Vader altijd: „Jetje! twaalf heeft
de klok." En dan wordt Jetje nog altijd beschaamd;
maar zij houdt meteen haar ongeduld in.
De gouden noten.
De vader van Frans was eens ziek. Toen kwam
de dokter en deze gaf een doosje pillen voor den
zieken vader. Toen Frans nu thuis kwam en de