Boekgegevens
Titel: Oefeningen ter herhaling en uitbreiding van Taal en stijl
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongensweeshuis
Amsterdam: F.H.J. Bekker, 1881 *
7e dr
Opmerking: 1e cursus
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201552
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Stelvaardigheid, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen ter herhaling en uitbreiding van Taal en stijl
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
worden .... genoemd. Wie in de gevangenis opgesloten
is, is een .... Een man, die bedelt, is een .... Eene
vrouw, die bedelt, is eene .... Een man, die 'snachts
de wacht houdt, is een .... Een man , die met de naald
zijn kost verdient, is een .... Wie stottert, is een ....
Wie lui is , is (^en ....
Plaats (Ie zell'st. naamw. 'm hel me«M'voud. }y\j
enkele zal zulhs niet (jaan. Lrf dus op.
Het kanon werd door den vijand vernageld. Het rund
is den mensch van groot nut, Kondom het kasteel ligt
eene diepe gracht. De specht lioudt zich in het bosch
op. Mijne tante lieeft deze kous gebreid. Het l)Iad van
den eik is anders gevormd dan dat van den wilg. Water
is een gezonder drank, dan koffie of thee. De stam van
den J)euk is gewoonlijk zeer glad. Toen de jager naderde,
verliet de tijger zijn hol. Het lam wordt een schaap.
De koe verschaft ons melk, boter en kaas. De rat is
in de klem gevangen. Deze stad werd gc^durende den
laatsten oorlog erg g«^teisterd. De timmerman heelt
zijn knecht weggezonden. De koopman heeft een zwaar
vei'lies geleden. In het woud bevindt zich veel wild.
Het ])aard en de os zijn den landman behulpzaam in
het bebouwen van zijnen akker. Is de musch een zang-
vogel ? De kroon siert het hoofd van den vorst. Ik
houd meer van de roos dan van de lelie. Het j)aleis
van den prins beeft eene groote verandering ondergaan.
De herder drijft het vee naar den warmen stal. Vriendje,
le»u' uwe les. De veldheer heeft met zijn klein, doch
dapper leger eene schitterende overwinning behaald.
Wijs door een cijfertje aan, in weihen naam-
val de cursieve zelfst. naamw. staan.
De hoer gaat met de spade op den schouder naar den
aUker. Het geld werd den hoopiuan teruggegeven. Den
toren der kerk kon de reiziger nog niet zien. Op den
laatsten dag des oordeels zal God alle menschen oordeelen.
In den Mei leggen alle vogels een ei. De twaalf arti-
kelen des geloofs moet ieder weten. Schrijf uwen