Boekgegevens
Titel: Oefeningen ter herhaling en uitbreiding van Taal en stijl
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongensweeshuis
Amsterdam: F.H.J. Bekker, 1881 *
7e dr
Opmerking: 1e cursus
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7000
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201552
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Stelvaardigheid, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen ter herhaling en uitbreiding van Taal en stijl
Vorige scan Volgende scanScanned page
Een zacht ei.
Een laf soldaat.
Eeue kalme zee.
Een ivild dier.
Een zachte winter.
Grof laken.
De ondergaande zon.
ÜO- Gehrtiik de volgende woorden in goede zinnen.
werkman , werkster , werkplaats , werkloon , werkdag ,
dagwerk, werkpaard, naaiwerk, knoeiwerk, aanleggen,
inleggen , uitleggen , overleggen , verleggen , toeleggen.
voorbeeld. A/s men in een of andc.r vak bekicaam wil
worden , moet men er zich mei ijver op toeleg^tsi»
ïïO. Plaats in de volgende -innen het onderwerp in
het enkelvoud. Vergis u niet.
De nachtegalen verheugen ons door hun aangenaam ge-
zang. De rupsen verslinden vele bladeren. Ongeschikte
werklieden zijn nergens gewild. Kinderen, bemint uwe
ouders. De Franschen zijn levendig van aard, de En-
geischen ondernemend. In vroegere tijden werden de
olifanten tot den oorlog afgei-icht. De genoegens van dit
leven vervliegen als rook. Mijne ouders zijn welva-
rend. Deze lieden zijn Portugeezen. De zieken worden
langzamerhand beter. De leei'lingen beantwoorden de
vragen. Jongens, wees voorzichtig! De stad werd door
de soldaten veroverd. De matrozen heschen de vlag.
Afgunstige menschen benijden het geluk van anderen,
(iindsche boomen worden omgehouwen, omdat zij geen
vruchten dragen. Zijn koekoeken roofvogels ? De been-
deren worden voor de honden bewaard. Vossen heeft de
jager niet geschoten. De afgodendienaars aanbidden den
waren God niet. De oversten gebieden. De onderdanen
gehoorzamen. Gods beloften worden zeker vervuld. De
rivieren treden somtijds buiten hare oevers. De rijkste
lieden zijn niet altijd de gelukkigste. De gemzen bewo-
nen de bergen van Zwitserland.
t.o. k: %