Boekgegevens
Titel: Verzameling van woorden en gesprekken in het Hoogduitsch en Hollandsch, ten gebruike van eerstbeginnenden
Auteur: Obermüller, L.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1878
Utrecht: P.W. van de Weijer
2e verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6997
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201550
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van woorden en gesprekken in het Hoogduitsch en Hollandsch, ten gebruike van eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
53
Ik raad u dat te doen.
Het schijnt mij (komt mij voor).
Vraag uwen vader.
Denk er over na.
205 Gij beht gelijk.
Dat is waar, zeer waar.
Ja, inderdaad; waarachtig.
Dat is maar al te waar.
Ontegen zeggelij k.
210 Zonder eenigen twijfel.
Ik verzeker u.
Geloof mij op mijne eer (mijn woord).
Ik lieg niet.
Wij steken er den gek niet meê.
215 Wees er overtuigd van.
Ik geloof, het is zoo (dat het zoo is).
Ik geloof niet.
Ik weet, ik weet het wel (goed).
Weet gij of....
220 Ik weet niet.
Wij weten er niets van.
Iedereen zegt het.
Van wien weet gij het?
Zeg (verspreid) dat niet verder.
225 Zoo ik het wist, zou ik 'tzeggen.
Ik herinner het mij wel.
Ik heb 't vergeten.
Vergeet dat niet.
Ik zal het morgen vernemen (hooren).
230 Wie heeft gesproken.
Ik hoor u niet.
Ik versta (begrijp) er niets van.
Gij spreekt te zacht.
Spreekt toch harder.
235 Hoor (luister) toch, als ik met u spreek.