Boekgegevens
Titel: Verzameling van woorden en gesprekken in het Hoogduitsch en Hollandsch, ten gebruike van eerstbeginnenden
Auteur: Obermüller, L.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1878
Utrecht: P.W. van de Weijer
2e verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6997
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201550
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van woorden en gesprekken in het Hoogduitsch en Hollandsch, ten gebruike van eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
Wees zoo vriendelijk.
Wilt gij de goedheid hebben.
Bewijs ons deze vriendelijkheid — deze gunst.
Doe mij het genoegen.
135 Bewijs ons de eer — deze vriendschap.
Gij zult mij zeer verpligten.
Gaarne. — Het zij zoo.
Met genoegen.
Met groot genoegen.
140 Van ganscher harte.
Ik neem er genoegen in.
Waarom niet?
Wanneer 'tu pleizier kan doen.
Beschik over mij.
145 Ik ben tot uw dienst.
Ik wacht uwe bevelen.
Gij hebt maar te bevelen.
Ik ben gereed.
Ik stem toe, maar heb wat geduld.
150 Verlaat u op mij.
Eeken er op (maak er staat op).
Ik heb er niets tegen.
Gij zijt er meester van (over).
Neen, neen!
155 Volstrekt niet, — Geenszins.
Ik wil niet.
Ik laat het niet toe.
Ik kan niet.
Dat kan niet wezen (geschieden).
160 Gij zult het niet hebben (krijgen).
Een andere keer. — Later,
't Is onmogelijk.
Verschoon mij daarvan.
Het spijt mij.
165 Ik zal 'tniet doen.
4