Boekgegevens
Titel: De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 2: 3
Auteur: Oosterwijk Hulshoff, Willem van
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1844
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7040
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201545
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding, Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Oude Testament
Trefwoord: Jozef, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
130 de geschiedenis
nig in den Bijbel. Daarom is mijn verhaal nii
spoediger ten einde, dan gij verwachttet. Als gij
nog wat onder zijt, moet gij alles eens nalezen
in de Heilige Schrift, en zeggen mij dan, of ik
iets vergeten heb.
Kootje. Maar vertel ons len minste nog,
Meesiei'! of de vrienden van Jozef niet heel be-
droefd waren, toen hij gestorven was ?
Mr. o Ja, de droefheid over het sterven van
Jozef was groot en algemeen. De broeders, die
hem overleefden, beweenden hem als hunnen
liefsten broeder en hunnen beslen vriend. Zij
dachten nog met veel aandoening aan zijne on-
verdiende goedheid jegens hen. Al de kinderen
vroegen heel treurig naar grootvader of oom ,
die zoo lief met hen plagt te spelen, en die hun
altijd zoo veel pleizier aandeed. Zij beschreiden ,
met hunne ouders, zijnen dood. De inwoners
van Egypte betreurden ook hunnen weldoener,
den braven, menschlievenden, eerlijken Regent,
die voor ben gezorgd had als een liefhebbend
vader, en die nu, sedert tachtig jaar, ten nnlte
van het gansche Land onvermoeid had gearbeid.
Keesje. Tachtig jaar! was hij al zoo lang
Heer van Egypte geweest?
Kootje. Wel ja. Kees! hij was immers der-
tig jaar oud, toen Faraö hem uil de gevan-
genis liet halen en tol Regent aanstellen. Nu,
dertig en tachtig, of tachtig en dertig maken
juist honderd en tien jaar, en zoo oud was Jo-
sef, toen hij stierf.
Mr. Regt, Kootje! zoo wilde ik het ook uit-
gecijferd hebben. — Nu heb ik nog maar alleen
te vertellen, dat de broeders van Jozef zijn lig-
chaam lieten balsemen, zoo als ook geschied was
met het lijk van Yader Jakob, en dal men daarna
hetzelve in eene kist bewaarde.