Boekgegevens
Titel: De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 2: 3
Auteur: Oosterwijk Hulshoff, Willem van
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1844
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7040
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201545
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding, Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Oude Testament
Trefwoord: Jozef, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
VAN JOZEF. ^ 129
onderwezen. 3Iaar bij ons komt dat niet meer
te pas. Wij hebben den geheelen Bijbel, om in
te lezen. Daarin kunnen wij alles vinden, wat
wij moeten weten; en hetgene onze Lieve Heer
in de Heilige Schrift aan alle menschen be ooft,
dat moeten wij nu zoo aanzien en net zoo geloo-
ven , alsof het ons, in persoon, zoo aanstonds
bijzonderlijk was toegezegd. Op deze wijze kun-
nen wij onzen Jozef navolgen in het vertrouwen
op GOD, en in het gelooven van dingen, die wij
niet zien ; die te voren beloofd zijn , en naderhand
eerst zullen gebeuren.
Omdat Jozef nu vast vertrouwde, dat zijn ge-
slacht weder in het Land Kanaün zou komen,
wilde hij zijn ligchaam daar ook begraven heb-
ben. Doch hij begeerde niet, dat de broeders
hetzelve, terstond na zijnen dood, derwaarts zou-
den brengen. Het was hem genoeg, als zij slechts
beloofden, zorg te dragen, dal zijn lijk medege-
nomen werd door hen of hunne kinderen, wan-
neer zij vertrokken. De broeders namen dat aan ,
en verbonden zich daartoe met eenen plegtigen
eed. Daarop geschiedde het afscheid nemen en
zegenen, omtrent zoo als bij het sterven vaa
Jakob, cn, na dit alles, gaf onze Jozef den
geest op eene heel zachte en Godvreezende wijze.
Jansje. Och, nu is Jozef ook dood, en onze
vertelling is uit!
Kaatje. Wel, dat is ook schielijk ! Ik had ge-
hoopt, dat Meester nog wel zes avonden van
hem verteld zou hebben.
Heintje. Maar heeft Meester ook nog iets ver-
geten? Wij willen alles gaarne hooren.
JIu. Neen, kinderen! ik heb niels overgesla-
gen , zooveel ik weet. Jozef leefde na Jakobs
dood nog nel vier en vijftig jaren ; maar van al-
les , wat er in dien tijd vooi vicl, slaat heel wei-