Boekgegevens
Titel: De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 2: 3
Auteur: Oosterwijk Hulshoff, Willem van
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1844
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7040
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201545
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding, Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Oude Testament
Trefwoord: Jozef, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
v a n j o z e f. 125
met deze boodschap: ,, Uw overledene vader
,, heeft, kort vóór zijn' dood, ons belast, uit
,, zijnen naam, u vriendelijk te verzoeken, dat
,, gij de misdaden van uwe broeders toch
,, wilt blijven vergeven, en hen verder wilt
,, liefhebben en verzorgen." De goede Jozef
dacht sedert lang niet meer aan hetgene hij
van zijne broeders /geleden had. Hij dacht
aan geene wraakneming, maar beminde hen
opregt. Dit verzoek, uit naam van zijn' va-
der , trof hem zoo, dat hij schreijen moest van
aandoening.
Kaatje. En was het in ernst waar, dat Ja-
kob , vóór zijn sterven, deze boodschap aan die
menschen gegeven had?
Mr. Dat denk ik niet, Kaatje! de oude
brave man vertrouwde veel betere dingen van
zijnen Jozef; hij kan die vrees niet gehad heb-
ben. Ook had hij tegen Jozef daarvan nooit
gesproken, hetgene hij anders wel zou gedaan
hebben. De broeders bedachten dit maar uit ver-
legenheid , en dat was ook niet best van hen:
want, al is men nog zoo verlegen, moet men
echter nooit leugens bedenken , om zich te red-
den.
Jozef wilde dit niet eens onderzoeken. Hij
was ook niet knorrig over de kwade gedach-
te , welke zijne broeders, zonder reden, van
hem hadden. Alleen uit medelijden met hen,
moest hij schreijen bij deze onverwachte bood-
schap.
Mietje. Maakte Jozef zijne broeders toen ook
niet gaauw weêr gerust?
Mr. Dat wenschte hij, bij de eerste gel,e-
genheid, te doen; en die gelegenheid kwam
ook schielijk. De bevreesde broeders reisden
naar de stad On, en kwamen zelve l)ij Jozef,