Boekgegevens
Titel: De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 2: 3
Auteur: Oosterwijk Hulshoff, Willem van
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1844
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7040
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201545
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding, Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Oude Testament
Trefwoord: Jozef, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
98 de geschiedenis
te voren gewoond hadden. Omdat nu het Land
Gosen niemand bijzonder toékwam, en bijna le-
dig was, zoo kon hij daarin zijne familie wel
geplaatst hebben, zonder dat Farao daarover
zeer ontevreden zou geweest zijn; maar Jo-
zef was heel voorzigtig en verstandig; hij
wilde allen schijn van eigenbaat vermijden.
Daarom gaf hij niets aan zijne bloedverwanten,
dan met goedvinden van den Koning. Ook
was hij niet grootsch op zijne magt. Gaarne
wilde hij weten, dat Farao hem alles gegeven
had; gaarne erkende hij den Vorst voor zijn'
Heer, en vroeg liever eene reis te veel, dan
te weinig. Dat was regt nederig van hem, en
nederigheid staat altijd fraai. — Zoo heb ik eens
gehoord van twee kinderen, een jongetje en
een meisje , die van hunne ouders ieder wat
geld in hunnen zak kregen, waarmede zij doen
mogten, wat zij maar wilden. Hét jongetje
kocht speelgoed en lekkers voor zijn geld, of
gaf daarvan aan zijne speelmakkers, of strooide
het, uit dartelheid, op de school over den vloer,
om de kinderen te zien grabbelen. Zij vroegen
hem dan weieens: ,, Hoe kom je aan al dat
,, geld, en weten je ouders wel, watje daarme-
,, de doet?" Maar, dan zeide hij heel zwetserig:
,, Dat is mijn geld! ik mag daarmeê doen, wat
,, ik wil; dat zeg ik vader of moeder niet eens! "
Doch het meisje was heel anders. Nooit kocht
zij iets voor haar zakgeld, zonder nog eerst te
vragen : ,, Wat dunkt vader of moeder daar-
,, van, zou ik dat doen, of niet?" Nooit gaf zij
weg, zonder aan hare ouders te vertellen , waar
hel geld gebleven was. — Zeg mij eens, Pietje!
welk van deze twee kinderen was het braafste ?
Wie geleek meest Jozef, het jongetje of het
meisje ?