Boekgegevens
Titel: De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 2: 3
Auteur: Oosterwijk Hulshoff, Willem van
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1844
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7040
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201545
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding, Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Oude Testament
Trefwoord: Jozef, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis van Jozef voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
v a n j o z e f. 93
maai' wel, (iat zij met der haast te Berseba kwa-
men. Zie eens, in de Landkaart, Jansje! of
dit Berseba niet ten zuiden, of zuidwesten , van
llebron ligt.
Jansje. (Na een weinig in de kaart gezocht
te hebben.) — Ja wel, Meester ! dat was net in
den weg uit Kanaan naar Egypte.
Mr. Te Berseba dan hield het groote reis-
gezelschap wat stil, en rustte een weinig uit.
Ondertusschen was de vrome Jalcob nog al on-
gerust, of het onzen Lieven Heer wel aange-
naam ware, dat hij zoo, met zijn geheele ge-
slacht, naar Egypteland vertrok. Hij deed een
ernstig gebed tot god, om dit nader te mogen
welen, en hij hield, met al de zijnen, eene zeer
plegtige Godsdienstoefening, naar de gebruiken
van die tijden.
CiiRisJE. Maar welke reden had Jakob, om
te vreezen, dat onze Lieve Heer geen behagen
zou hebben in die reis? Daar stak immers in
het geheel geen kwaad in!
Mr. Ik zal u zeggen, Chrisje! hoe dat was.
God de Heer had aan Jalcob belast, in Kana-
an te wonen, en beloofd, hem in dat Land on-
gemeen te zegenen. Dat zelfde bevel, met dio
zelfde belofte; hadden Jakobs vader, Izaak, en
Jakobs grootvader. Abraham, ook reeds ontvan-
gen. Daarom was Jidiob bezorgd, naar een
ander gewest te vertrekken, hoezeer de hongers-
nood hem nu daartoe drong; want hij was heel
Godvreezend, en heel bang, om iets onvoorzig-»
tigs te doen.
Op eene bijzondere wijze, op welke onzo
Lieve Heer de menschen nu niet meer onder-
rigt, werd Jakob verzekerd, dat de reis naar
Egy^He feoD den Heere welbeh^gelijk was; dat
hij daar ook gezegend zou worden; dat zijne