Boekgegevens
Titel: De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Auteur: Oostkamp, Jan Antonie
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7035
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201541
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Vorige scan Volgende scanScanned page
DER ISRAëLITEN. I05
verwonderde zich over deze aanfpraak, en klaag-
de over den jammerlijken toeftand, in welken
zijn vaderland en volk verkeerde. „ Vrees
„ niet," vervolgde de Engel, „ gij zult Is-
„ raêls verlosfer wezen" Dit verbaasde hem
nog meer, en hii maakte hier zyne bedenkin-
gen tegen. Nu Iprak des Heeren Engel op
hooger toon: „ Ik zal met u zijn, en daarom
„ zult gij de Midianiten flaan, als of zij at-
„ len met elkander niet meer dan één man
„■waren!" Hierop bood Gideon dezen bui-
tengevvonen gezant een ofTergefchenk aan, en
toen hij dit, volgens des Engels bevel, op ee-
uen roiiteen bereid had, zoo nam deze den ftaf,
dien hij in de hand had, en roerde even het olFer
aan, waarop er aanrtonds eene vlam uit de rots
oplleeg, die alles verteerde. Vol verwondering
flaarde Gideon dit aan, en op dien oogen-
blik onttrek zich de Hemelbode aan zijn ge-
zigt.
jan. Dat was wonderlijk. Vader! zoo
iets zoude ik ook wel eens willen zien.
Vader. Omdat het niet noodig is, gebeu-
ren er foortgelijke dingen niet meer, Jan! luis-
ter daarom maar verder , dan zal ik verhalen ,
wat Gideon vervolgens deed. Hij bouwde
op die plaats een altaar , en kreeg andermaal
de verzekering, dat hij voor niets le vreezen
had, dewijl God met hem zijn zoude.
Daarna verbrak hij met behulp van tien ^ij-'
ner inechten bij nacht het afgodsaltaar van
zijnen vader Joas^ hakte het daarbij geplante
bosch om , en offerde op zijn nieuwe altaar
den H«ERe eene offerande.
Koosje. O dat was braaf van Gideon!
Fa Nu