Boekgegevens
Titel: Helpt elkander voort in 't goede: voor de rijpere jeugd geschreven
Auteur: Noordaa, Pieter Jasper van der
Uitgave: Meppel: P.A. Reijnders, 1851
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6922
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201528
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Helpt elkander voort in 't goede: voor de rijpere jeugd geschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
77
WILLEM weder aan, „en hoe bedroefd z^ne zus-
ter pauline was, toen ik kennis gaf van den
dood haars broeders."
— „'t Was goed van u bedacht, willem !
om in de nieuwsbladen te laten zetten , dat er
een krijgsgevangene uit Rusland was gekomen,
die tijding van louis duvin had, en gij daarbij
het logement „de zon" opgaaft, als de plaats
waar ge eenige dagen in Amsterdam uw ver-
blijf zoudt houden. Zoodoende hebt gij aan het
verzoek van den armen louis kunnen voldoen;
want zijne lieve pauline liet zich niet lang
wachten."
— „Doch nu een ander praatje, frans en
frits I Zouden ze ons in de stad herkennen
met onze lange baarden P' — vroeg willem.
— „Daar twijfel ik zeer aanverklaarden
beiden, „ons gelaat is veranderd en dan daarbij
die valsche baard, dien wij te Amsterdam ge-
kocht hebben 1 Neen , ik zou er mijn hoofd op
durven geven , dat ze ons er niet meer kennen."
Eindelijk was ons gezelschap tot aan het stadje
genaderd, waar frits afscheid nam met een
warmen handdruk en een zegenwensch.
Hij liep de stad om en bereikte weldra de fabriek
zijns vaders; bleek en met eene bevende hand trok
hij aan de schel, en zijne stem begaf hem schier, toen
hij aan het dienstmeisje vroeg, dat de deur opende: