Boekgegevens
Titel: Helpt elkander voort in 't goede: voor de rijpere jeugd geschreven
Auteur: Noordaa, Pieter Jasper van der
Uitgave: Meppel: P.A. Reijnders, 1851
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6922
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201528
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Helpt elkander voort in 't goede: voor de rijpere jeugd geschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
59
mijn dienatmeisje, dat ik niet ontbeeren kon,
hoorde, dat de Franschen in aantogt waren en
iedereen zich gereed maakte om de stad te ver-
laten. Ik waa reeds ziek, doch ivilde van geen
doktor weten, omdat ik meende zonder hulp
van dezen wel weêr beter te worden; evenwel
werd ik van dag tot dag zwakker, ik kon wel-
dra niet meer loopen, zelfs mijn bed niet meer
verlaten; daaraan stoorde ik mij echter nog niet."
„Ik was wel meer ernstig ziek geweest, en
altijd zonder hulp ^an een geneesheer geholpen ;
'tzou ook nu wel weêr zoo wezen. Eenige da-
gen later vertelde het meisje mij, dat de gansche
stad bijna ledig was en hare ouders haar wachten
om ook te vlugten, terwijl zij mij voorstelde,
mij te doen dragen ; zij had het reeds aan eenige
armen gevraagd, maar deze hadden haar ge-
antwoord, „wij redden dien gierigen woekeraar
niet, die mede geholpen heeft om ons arm te
maken!"
„Men scheen mij dus te kennen; ofschoon nu
't meisje hoopte wel den een of ander daartoe
te kunnen vinden, was ik er echter niet toe te
bewegen; ik had dan immers zonder mijn schat
moeten vertrekken of dezen aanwijzen , en dan ,
meende ik, was ik gewis vermoord of bestolen ge-
worden. Neen, neen I duizendmaal liever viel ik
dan in handen der Franschen.