Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-88
bouwen na, verbrand werd (Mei 1631). Toen Tilly kort daarna
zijne wapenen tegen den Keurvorst van Saksen keerde, zonder
zich om diens onzijdigheid te bekommeren, riep deze eindehjk
de hulp van Gustaaf Adolf in, die een verbond met hem
sloot, te zijner ondersteuning naar Saksen snelde, en niet ver van
Leipzig , bij het dorp Breiten feld, eene schitterende overwinning
op Tilly behaalde. Van hier rukte hij met zijn overwinnend le-
ger naar Zuid-Duitschland, en strekte zijne veroveringen in het
westen tot over den Rijn uit, terwijl de Keurvorst van Saksen
in Bohemen rukte en Praag veroverde.
In den uitersten nood zag Keizer Ferdinand zich genoodzaakt
weder de hulp in te roepen van Wallenstein, die, sedert hij het
opperbevel had moeten nederleggen, met koninklijke pracht op
zijne rijke Boheemsche landgoederen leefde. Aanvankelijk sloeg
de trotsche veldheer alle aanbiedingen des Keizers af, maar liet
zich eindelijk, tegen het einde van het jaar 1631, overhalen, weder
een leger te werven. De voorwaarden, welke hij daarbij bedong,
waren zoo buitensporig als nog nooit door een onderdaan aan
zijnen vorst gesteld waren. Hij moest onbeperkt opperbevelhebber
zijn ; noch de Keizer noch zijne zonen mogten zich in het leger
vertoonen , een der Oostenrijksche erflanden moest hem worden
toegezegd, en over al de landen, welke hij zou veroveren, moest
hem de opperheerschappij worden verleend, terwijl hem bij het
sluiten van den vrede, het Hertogdom Mecklenburg , dat in het
begin van het jaar door Gustaaf Adolf was heroverd, moest
worden teruggegeven.
Binnen drie maanden t'yds had de roem van zijn naam en de
hoop op rijken buit 40,000 vrijwilligers onder de vanen gebragt,
waarmede hij in korten tijd de Saksers uit Bohemen verdreef (Mei
1632). Inmiddels had Gustaaf Adolf Beijeren veroverd, waar-
door de Keurvorst Maximiliaan gedwongen werd, hulp te zoeken
bij Wallenstein, die hij twee jaren vroeger ten val had gebragt.
Deze behandelde den Keurvorst met dezelfde trotschheid als den
Keizer, stelde eerst zijne voorwaarden, en beloofde, na lang dralen
zijnen bijstand. Hij dwong hierop, met driedubbele overmagt,
Gustaak Adolf Beijeren te ontruimen , maar in plaats van hem
verder te vervolgen, wendde hij zich naar Saksen, om den Keur-
vorst te noodzaken van het verbond met de Zweden af te zien.
Deze riep nu ten tweede male de hulp van Gustaaf Adolf in ,
die terstond noordwaarts rukte, en Wallenstein op den 16den
November 1632 bij Lützen (1) een bloedigen slag leverde, waarin
(1) Lützen ligt ten zuid-westen van Leipzig.