Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-272
troepen bij Aspromonle, in het zuiden -van het koningrijk Napels,
zwaar gewónd en gevangen genomen, doch eenigen tijd later weder
in vrijheid gesteld. Intusschen is de orde en rust in het Napoli-
taansche grondgebied nog verre van verzekerd, daar verscheidene
aanhangers van Koning Frans zich in de bergachtige streken
onder stoute aanvoerders tot benden hebben vereenigd, die nog in
deze dagen een groot gedeelte van het land onveilig maken.
§ 36. De Koloniën, de vroegere Spaansch-Amerikaansche
gewesten en de Vereenigde Staten van Noord-Amerika,
van 4815 tot op onzen tijd.
De Nederlandsche koloniën in Oostindië, in 1815 weder onder
het bewind van het moederland gekomen, namen sedert dien tijd
zeer in bloei toe. Tegenover de Indische vorsten werd het gezag
met klem gehandhaafd , maar niet zonder het voeren van her-
haalde, deels zeer bloedige oorlogen. Een der voornaamste daar-
van was een oorlog van 1819 tot 1821 tegen den Sultan van Pa-
lemhang op het eiland Sumatra, die de nederlaag van dien vorst
en later, in 1824, de onderwerping van zijn grondgebied aan
het onmiddellijk gezag van iVerfer/aJid ten gevolge had. Een tweede
oorlog van nog meer belang was die^ welke in 1825 op Java
uitbrak, ten gevolge van den opstand van Diepo Negoro, een
der inlandsche Prinsen in het rijk van Bjokjokarla, die van den
invloed, welken hij op zijne landgenooten uitoefende, gebruik
wist te maken om vijf jaren lang den strijd vol te houden. Eerst
in 1830 werd de oorlog, vooral door het uitstekend beleid van
den opperbevelhebber van het leger, den Luitenant-Generaal De
Kock , ten voordeele der Nederlanders beslist, wier gezag in den
Indischen Archipel daardoor sterker dan ooit te voren werd bevestigd-
Tot nu toe hadden de Oost-Indische bezittingen , in plaats van
voordeelen aan het moederland op te leveren, jaarlijksche onder-
steuning uit de Nederlandsche schatkist noodig gehad, hetgeen
gedeeltelijk was toe te schrijven aan de kostbare oorlogen, gedeel-
telijk aan de minder voordeelige wijze , waarop de landbouw en
de opbrengst der schattingen en belastingen geregeld waren. Hierin
werd eene gewigtige verandering gebragt door den Gouverneur-
Generaal van den Bosch, die in 1830 het bewind aanvaardde,
en op Java het zoogenaamde cultuur-stelsel invoerde, dat weldra
groote voordeelen bleek op te leveren, en jaarlijks aanzienlijke
sommen in de Nederlandsche schatkist deed vloeijen.