Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-87
§ 4. Val van Robespierre. Verovering van de Oostenrijk-
sche Nederlanden en van de Republiek der Vereenigde
Nederlanden. Frankrijk onder het Directoire. Veld-
togten van Bonaparte in Italië, tot aan den vrede
van Campo-Formio.
In het jaar 1794 duurde dezelfde toestand in Frankrijk voort;
het Schrikbewind ontwikkelde eene geweldige veerkracht tegen
de buitenlandsche vijanden , en woedde met onmenschelijke wreed-
heid in het binnenland. Doch eindelijk werd Rgdespierre , die
allengs van het oppergezag, wel niet in naam maar toch inder-
daad , was meester geworden, en zich daardoor zijne vroegere
partijgenooten tot vijand had gemaakt, ten val gebragt. Den 27sten
Julij 1794 (9 Thermidor van het jaar II) werd hy met verschei-
dene zijner aanhangers, op last van de Conventie, in hechtenis ge-
nomen , en , nadat hij te vergeefs getracht had, zich door een
pistoolschot van het leven te berooven, onder de guillotine ter
dood gebragt. Hierdoor was aan het Schrikbewind een einde ge-
maakt; wel trachtten eenige zyner aanhangers de magt weder in
handen 'te krijgen door het volk tegen de Conventie op te hitsen,
maar zy werden met geweld van wapenen bedwongen , en in het
laatst van 1794 werd de club der Jakohijnen gesloten. Sedert dit
oogenblik behielden de meer gematigden de overhand.
In den loop van dat jaar waren de Fransche wapenen zeer
voorspoedig geweest. De toestand der krijgsmagt was langzamer-
hand aanzienlijk verbeterd; de algemeene wapening bragt bijna
800,000 man in de gelederen, en de ofDciersplaatsen, die vroeger
bijna uitsluitend door edellieden waren bezet, waarvan de meeste
uitgeweken waren , werden allengs ingenomen door jeugdige en
talentvolle mannen, die met geestdrift voor de zaak der omwen-
teling bezield, zich in den strijd tegen de vijanden des va-
derlands tot uitmuntende aanvoerders vormden. Daarentegen
heerschten tusschen de tegen Frankrijk verbondene vorsten twee-
dragt en wantrouwen omtrent elkanders bedoelingen. Het gevolg
van het een en ander was, dat een hernieuwde aanval van do
Franschen onder den generaal Pichegru op de Oostenrijksche
Nederlanden volkomen gelukte, en zij die gewesten omtrent het
midden van 1794 voor de tweede maal in hun bezit kregen.
De Republiek der Vereenigde Nederlanden, door tweedragt ver-
scheurd , werd nu het doel van hunnen aanval; te vergeefs trachtte
de Stadhouder Willem V met zyne beide zonen en hel gering