Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-182
§ 2. Frankrijk onder het constitutioneele Koningschap. De
Nationale Conventie. Oorlog met Oostenrijk en Pruissen.
Lodewijk XVI onthoofd. De eerste coalitie tegen
Frankrijk.
De Constituerende Vergadering werd nu ontbonden, en vervan-
gen door eene andere , die de Wetgevende Vergadering (législalive)
genoemd werd, waarin de Jacobijnen den meesten invloed had-
den. Inmiddels werden door verscheidene Europeesche mogend-
heden , als Oostenrijk, Pruissen, Engeland, Zweden en Rusland,
onderhandelingen gevoerd om de revolutie in Frankrijk met ge-
weld van wapenen te bedwingen , maar men kwam niet tot ge-
meenschappel'yk overleg.
Koning Gustaaf III van Zweden was de eenige, die het be-
paalde plan opvatte, met een leger naar Frankrijk te trekken en
Lodewijk XVI in zijn gezag te herstellen. Het Zweedsche volk
was evenwel volstrekt niet ingenomen met dit roekelooze voorne-
men des Konings, dat de geldmiddelen van den slaat ten gronde
dreigde te rigten; de aanzienlijken, die nog eens hoopten het ge-
zag te herkrijgen, dat zij vroeger bezeten hadden (bl. 169), ver-
zetten zich insgelijks, zoodat de Rijksdag, die in Januarij 1792 door
den Koning was bijeengeroepen, de door hem aangevraagde gelden
weigerde. Nu verbreidde zich het gerucht, dat Gustaaf III de staats-
regeling wilde omverwerpen en zijne plannen met geweld doorzetten
ten gevolge waarvan eenige der misnoegde edelen eene zamenzwe-
ring smeedden, en de Koning, den 17den Maart 1792, door een
hunner, den Kapitein Ankarström op een gemaskerd bal te
Stokholm werd doorschoten. Hij stierf twaalf dagen later, na zij-
nen broeder tot regent en voogd over zijnen minderjarigen zoon
Gustaaf IV Adolf te hebben benoemd.
Omtrent dien tijd stierf ook Keizer Leopold II, en zijn jeug-
dige zoon en opvolger Frans II nam terstond eene meer drei-
gende houding tegen Frankrijk aan, waarop de Wetgevende Ver-
gadering tot den oorlog tegen Oostenrijk besloot (April 1792), en
terstond de vijandelijkheden deed beginnen door een plotselingen
inval in de Zuidelijke Nederlanden, die evenwel, daar het onge-
oefende Fransche leger niet tegen de geregelde Oostenrijksche troe-
pen bestand was, geheel verijdeld werd.
Deze tegen.spoed der Fransche wapenen versterkte den vijand in
de meening, dat Frankrijk gemakkelijk te beteugelen zou zijn,
maar had daarentegen eene hevige gisting in Parijs ten gevolge.