Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
ilS
ang zijn achttiende jaar zou bereikt hebben. De Staten van
Holla7i(l evenwel vreesden, dat dit tot het herstel van de stad-
houderlijke waardigheid zou kunnen leiden, en daar zij wel voor-
zagen , dat het benoemen van den Prins tot het krijgsambt, het-
welk zijne voorouders altijd bekleed hadden, op den duur niet
zou te beletten zijn, namen zij (Aug. 1667) een besluit, waarbij
het stadhouderschap in hun gewest voor altijd werd afgeschaft,
terwijl zij tevens verklaarden, dat zy de vereeniging van de
waardigheid van Stadhouder in eenig ander gewest met die van
Opperbevelhebber van het leger gevaarlijk oordeelden voor de
vrijheid van het land, en dat, bij gevolge, beide ambten onver-
eenigbaar waren. Dit besluit, dat het Eeuwig Edikl genoemd
werd, verbitterde de Prinsgezinden hevig tegen de regering van
Holland en vooral tegen de Witt , die teregt voor de voornaam-
ste bewerker gehouden werd.
Inmiddels werden er met Engeland , dat insgelyks beducht werd
voor de veroveringszucht van Lodewijk XIV, onderhandelingen
aangeknoopt, die in January 1668 het sluiten van een verdrag
ten gevolge hadden, waarbij zich ook de Zweden voegde, en het-
welk daarom den naam van Tviple Alliantie verkreeg. De drie
mogendheden verklaarden zich tot onderlinge verdediging bereid,
en stelden de grondslagen vast tot een vergelijk tusschen Spanje
en Frankrijk, met bepaling, dat men het eerstgenoemde rijk
gewapenderhand zou ondersteunen, indien Lodewijk XIV niet op
redelijke voorwaarden vrede wilde maken. Deze werd daardoor
genoodzaakt, zijne verdere veroveringsplannen te laten varen;
en te Aken vrede te sluiten met Spanje, waarbij hy evenwel de
veroverde plaatsen in de Spaansche Nederlanden behield, doch
Franche Comté teruggaf (1668).
§ 6. Lodewijk XIV. Zijn karakter en zijne verhouding
tol de overige mogendheden.
De aanval op de Spaansche Nederlanden, hoezeer ten gevolge
van het sluiten der Tripte Alliantie slechts gedeeltelijk gelukt ,
deed genoegzaam zien, welke gevaren de zwakkere staten dreig-
den van de zijde van een vorst als Lodewijk XIV, die een on-
beperkt gezag uitoefende, en ter bereiking van zyne eerzuchtige
oogmerken vrijelijk beschikken kon over al de krachten van
Frankrijk, het magtigste rijk van Europa. Het karakter van den
Franschen Koning en de omstandigheden, waarin hij geplaatst
was, waren ook niet geschikt om de vrees voor die gevaren te