Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-117
zuchtige plannen van Lodewijk XIV reeds tot een begin van
uitvoering gekomen.
In het jaar 1665 namelyk stierf Philips IV van Spanje, en
werd opgevolgd door zijnen vierjarigen zoon Karel II (bl. 108)
in de aanteekening), voor wien zyne moeder als Piegentes het
bewind voerde. Dit overlijden gaf Lodewijk XIV aanleiding om
op de willekeurigste en onregtvaardigste wijze op een gedeelte
van de Spaansche nalatenschap aanspraak te maken. Wel is
waar, had hy, zoowel als zijne gemalin, by hun huwelyk afstand
gedaan van het erfregt op eenig gedeelte van de Spaansche mo-
narchij; maar hij handelde alsof die afstand nimmer had plaats
gehad. Om een schijn van regt aan zijne eischen te geven,
maakte hij gebruik van eene bepaling, die in sommige gewesten
van de Spaansche Nederlanden bestond, volgens welke de kinderen
uit een tweede huwelyk geen regt hadden om bezittingen te erven,
welke aan de ouders vóór het aangaan van een tweede huwelijk
reeds hadden toebehoord, in geval er namelijk nog kinderen leef-
den uit het eerste huwelijk, die dan de regtmatige erfgenamen
van die bezittingen waren. KauelII, de nieuwe Koning van S/ja«-
je, was een zoon uit het tweede huwelijk van Philips IV, en
had derhalve, volgens Lodewijk XIV, geen aanspraak op die
gewesten in de Spaansche Nederlanden , waar het voormelde regt,
dat het devolulie-regl genoemd werd, in zwang was. Op die land-
streken maakte de Fransche Koning aanspraak, als het wettige
erfgoed van zijne eigene gemalin , die eene dochter was uit het
eerste huwelijk van Philips IV. Klaarblijkelijk was dit slechts
een voorwendsel, daar die bepaling alleen betrekking had op het
erven van eigendommen van bijzondere personen, en niet op het
al of niet aanvaarden van de regering in die gewesten.
Toen Lodewijk XIV zag, dat hij de Spaansche regering door
onderhandelingen niet tot afstand van het grondgebied, waarop
hij aanspraak maakte, brengen kon, viel h'y met een sterk leger
in de Spaansche Nederlanden, die op een aanval volstrekt niet
voorbereid waren, veroverde in korten tijd verscheidene gewig-
tige steden (1667), en maakte zich daarna op even onwettige
wijze van Franche Comlé meesier (1668).
Het magtelooze Spanje riep intusschen de hulp in van de Ver-
eenigde Nederlanden, die kort na den inval der Franschen in de
Spaansche Nederlanden vrede met Engeland hadden gesloten (bl.
116), en nu tot beveiliging hunner grenzen troepen op de been
bragten. De meerderheid des volks wenschte, dat het opperbevel
daarover aan den Prins van Oranje zou gegeven worden , die eer-