Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-106
86) had de Kardinaal Mazarin hem als eerste minister vervan-
gen , en deze leidde de staatsaangelegenheden van Frankrijk ge-
durende bijna 19 jaren in denzelfden geest als zijn voorganger:
ook hij zocht de magt en het aanzien van het rijk en het onbe-
perkte gezag des Konings meer en meer te bevestigen en uit te
breiden. Lodewijk XIII, die Richelieu slechts weinige maan-
den overleefde, had bij zijn uitersten wil bepaald, dat de rege-
ring gedurende de minderjarigheid van zynen opvolger, Lodewijk
XIV, gevoerd zou worden door een raad van regentschap, bestaan-
de uit de Koning-weduwe Anna van Oostenrijk met eenige Prin-
sen en voorname staatslieden, waaronder Mazarin de hoofdper-
soon was. De hooge adel des rijks en het Parlement xan Parijs,
die beide door Richelieu met krachtige hand bedwongen en in
toom gehouden waren, hadden gehoopt, dat Anna van Oostenrijk
alleen aan het hoofd van het bestuur zou gesteld geworden zijn ,
omdat zij gedurende eene vrouwenregering het gezag, dat zij ver-
loren hadden, meenden te kunnen herwinnen. Zij wisten daar-
om weinige dagen na den dood van Lodewijk XIII te bewerken,
dat de bepalingen, door dezen gemaakt, vernietigd, en aan de
Koningin-weduwe een onbeperkt gezag verleend werd. Deze zag
evenwel zeer goed in , dat eigenbelang en heerschzucht de drijf-
veren van den adel geweest waren, en daar zij het uitgebreide
gezag, hetwelk Richelieu aan de kroon had weten te ver-
schaffen , ook voor haren zoon wenschte te bewaren, begreep zij
teregt, dat zij de leiding der staatszaken niet moest opdragen aan
aanzienlijke gunstelingen , maar aan den bekwamen Mazarin , die
geheel en al de denkbeelden van Richelieu was toegedaan, en
wien zy haar volle vertrouwen schonk. Hierdoor ontstond weldra
vijandschap tusschen de teleurgestelde edelen en den eersten mi-
nister, dien zij ten val zochten te brengen. Het Parlement sloot
zich aan den misnoegden adel aan, en vond al zeer spoedig gele-
genheid om zich tegen de regering te verzetten, daar de oorlog
met Spanje (bl. 91) groote geldsommen kostte, waardoor voort-
durend zwaardere opbrengsten van de natie gevorderd werden en
eene algemeene ontevredenheid ontstond. Hieruit nam het Par-
lement van Parijs aanleiding, om onder den schijn van alleen
voor het welzijn van het volk te waken, zyn vroeger aanzien te
herwinnen door tegenvoorstellingen te doen tegen de willekeurige
uitschrijving van de steeds toenemende belastingen, waaronder
het volk zuchtte.
De spanning, welke hierdoor aan alle kanten ontstond, gaf
eindelijk na eenige jaren aanleiding tot het uitbarsten van een