Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-103
slaats-regeling en de aanmatigingen van den woelzieken adel,
waardoor de Koning in al zijne handelingen belemmerd werd,
maakten het rijk voortdurend krachteloozer. Sigismund Wasa
was in 1632 overleden, en door zyn broeder Wladislaus op-
gevolgd , na wiens dood, in 1648, zijn jongere broeder Johan
Casimir Wasa , door de keuze van den adel aan de regering was
gekomen.
Rusland had het meest van alle Europeesche staten aan uit-
gestrektheid gewonnen , en wel voornamelijk in Azië, waar het
de Tartaarsche ry ken van Kasan, Astrakan en Siberië (bl. 73) aan
zich onderworpen had. Echter reikte het in 1648 noch aan de
Zwarte- noch aan de Oostzee, en was bij de meeste rijken van
Europa nog zeer verre in beschaving ten achteren. De toen re-
gerende Czar Alexei legde zich met ijver op de verbetering van
den inwendigen toestand zijns rijks toe.
Het Turksclie rijk was eveneens bij het einde van dit tijdperk
veel grooter dan bij het begin. In Azië had het zijn gebied uit-
gebreid tot over den Tigris. In Europa had het een gedeelte van
Hongarije veroverd (bl. 34), de opperhoogheid over Zevenbergen
verkregen , en strekte zich in 1648 ongeveer uit over het grond-
gebied , hetwelk het tegenwoordige Turkije en het Koningryk
Griekenland uitmaakt. In Afrika was Egypte aan den Sultan
onderworpen , en erkenden Tripoli, Tunis en Algiers zyn opper-
gezag.
Het gevaar, hetwelk Europa in vroegere eeuwen onophoudelyk
van de zijde der Turken dreigde, was, wel is waar, niet geheel
verdwenen, maar toch zeer verminderd. Voortdurende binnen-
landsche onlusten , de slechte regering van verscheidene zwakke
en verwijfde Sultans , en herhaalde oorlogen met Perzië hadden
de vroegere kracht grootendeels vernietigd.
Van veel gewigt voor Europa waren de koloniën, welke ver-
scheidene staten gedurende het hiervoren behandelde tijdperk in
de andere werelddeelen gesticht hadden. Eene uitvoerige ge-
schiedenis van hare vestiging en uitbreiding zou in deze beknopte
handleiding misplaatst zijn, en wij kunnen dus slechts het
voornaamste in hoofdtrekken mededeelen, en tevens aangeven,
welke de toestand was van de volkplantingen der voornaamste
Europeesche staten bij het sluiten van den Westfaalschen vrede.
De Republiek der Vereenigde Nederlanden was in het bezit van
de uitgebreidste koloniën: de ontdekkingsreizen en veroveringen,
die haar in dat bezit gebragt hadden, worden meer bijzonder