Boekgegevens
Titel: Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Auteur: Mundt, G.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en van de Grampel, 1823
4de, aanmerkelijk verb. dr
Opmerking: Vert. van: Burgheim unter seinen Kindern. - 1798-1801
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-722
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201481
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Vorige scan Volgende scanScanned page
OP DE MAAN. ' ' 205
bergten veel overeenkomst; zoo als met den Fe-
jhvitts en den Etna. Deze hebben van boven eene
trechtervormige diepte, die men, naar derzelver
gedaante, krater ot' beker noemt. Is de vmirfpu-
•vvende'berg lang in rust, dan vult zielji de krater
allengs weder aaii, doch bij de eerde uitbarsting
Vertoont hij zich weder; Zoo ontftondén er ver-
fcheldene ontzaggelijk groote kraters op de maan,
door éven zuHce uitbar'dingen; en die ontftaan
nog vatt tijd tot tijd. Zelfs ftaande schröters
■waarnemingen, cntfto'nd er 'e'ene nieuwe. Ver-
beeld u nu eens de ge(ieldlieid,-bij zulk eene uit-
barsting'in dc'maan. Onze Fefuvius heeft dikwijls
rookkolommen, mijlen 'in de hoogte, uitgedampt,
cn braakte gloeijende fteénen e:i fuukken aarde
mijlen-in de rondte, overftroorade en verbrandde
in glOeijende lava vloeden, (léden en dorpen, en
herfchiep door zijne asch den beldorftcn dag in
den ftikdórikerften naclit. De mond van den Fefii-
vius is flechts 1800 voeten wijd , en de monden
der kraters daar boven zijn van vier tot vijftien mij-
len wijd. Steenen van honderd ponden zwaar
worden , dikwijls door den Fefuvius lijnregt in de
hoogte, geworpen, vallen wederom néér, en wor-
den weder in de hoogte gellingcrd, en de bran-
den-
\