Boekgegevens
Titel: Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Deel: Derde stukje
Auteur: Meurs, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1876
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6508
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201433
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
voor 12 ots den L. en de rest voor anderhalven
centd en L. duurder. Hoeveel geld ontving men?
3. Een koopman betaalde 200 rgksdaalders en 200 gul-
dens voor schapen, die hij gekocht had tegen 33 gl.
het stuk. Als hij ze zoodanig verkocht, dat hij 2 gl.
op ieder schaap verdiende, hoeveel geld won hij
dan op al de schapen?
4. Een werkman verdiende per dag 0.80 gl. en zijn
meester 4 maal meer. Hoeveel verdienden zij te zamen
per dag?
5. Vijf menschen zouden 28 gl. gelijk deelen, hoeveel
kwam ieder meer toe, wanneer zy die som met hun
vieren moesten deelen?
6. Uit een vat petroleum, waarin 13 D.L. is, wordt
0.8 deel getapt. Hoeveel blijft er minder over dan
er uitgetapt is?
7. Als men het uitgetapte verkoopt voor 23 ets. den
L. en het overblijvende voor 1.10 gl. de 3 L., hoe-
veel ontvingt men dan voor het vat?
8. Als de inkoop bedragen had 20 ets. den L. en men
0.73 gl. vracht moest betalen, hoeveel won men dan
op dit vat, zoo men het ledige vat nog verkocht
voor 2 gl.?
9. Als de L. petroleum gekocht wordt voor 20 ets.
en men per uur eene halve d.L. verbrandt, voor
hoeveel geld verbrandt men dan op een avond, waar-
op de lamp brandt van half 3 tot half 12 ure?
10. Wat is meer 0.6 van 3.5 x 7 of 7 maal het 0.6 van
de helft van 7?