Boekgegevens
Titel: Leerboek der mechanica
Auteur: Michaëlis, G.J.
Uitgave: 's Hage: Henri J. Stemberg, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6527
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201432
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke mechanica
Trefwoord: Mechanica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der mechanica
Vorige scan Volgende scanScanned page
165
krachten zoodanig zijn, dat de deeltjes steeds op ojiderling
gelyke afstanden blijven. Lichamen, welke volkomen aan
deze bepaling voldoen, bestaan niet; elk zoogenaamd vast
lichaam kan men vervormen: men kan het min of meer uit-
rekken , samendrukken of buigen , en het kan niet anders,
of de onderlinge afstanden der moleculen moeten daarbij
veranderen. Bovendien leeren de natuurkundige onderzoe-
kingen, dat de moleculen van een vast lichaam nimmer in
rust mogen ondersteld worden: zij ondergaan periodieke
bewegingen om bepaalde evenwichtstanden, die echter klein
zijn met betrekking tot den gemiddelden afstand der mole-
culen. Deze periodieke bewegingen zijn de oorzaken der warmte-
verschynselen.
De bepaling, die wij van een vast lichaam gegeven heb-
ben , is een grensgeval; men denkt zich de moleculen op
den gemiddelden afstand , dien zy tot elkander hebben, in
rust ; door de leer van den arbeid op zulk een grensgeval
toe te passen, zal men uitkomsten verkrijgen, welke by
vele stoffen weinig van de waarheid afwijken.
Bg de vloeistoffen en gassen bewegen de moleculen zich
altgd ten opzichte van elkander; by eerstgenoemden beweegt
elk molecuul zich door de geheele vloeistofmassa heen, maar
wordt door de moleculaire krachten binnen die massa terug-
gehouden ; bij de gassen daarentegen hebben de moleculen
voortdurend de neiging, om zich volgens rechte lynen van
elkander te verwijderen, en zij doen dit werkelijk, als zij
niet door een vast lichaam, waarin het gas besloten is,
worden tegengehouden.
Denken wij ons een vast lichaam in beweging. Er werken
in het algemeen twee soorten van krachten: 1° uitwendige i
die door andere lichamen teweeggebracht geworden; hiertoe
behooren de spierki-acht van menschen of dieren, de aantrek-
kingskracht der aarde of der hemellichamen; 2° inwendige of
moleculaire, die zooals wij zagen, de deeltjes der lichamen
op elkander uitoefenen. Beide soorten van krachten kunnen
gedurende de beweging arbeid verrichten, die wy onder-
scheiden als uitioendigen en als inwendigen arbeid.