Boekgegevens
Titel: Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Deel: Eerste stukje
Auteur: Meurs, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6506
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201430
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
5. Hoeveel centen was dat meer dan een kwartje?
G. Koosje heeft een kwartje, een dubbeltje, een stuiver
en een cent; hoeveel eenten heeft zij?
7. Jan had 112 knikkers. Hij won er eerst 8 en later
nog 20; hoeveel knikkers had hij toen?
8. Op paardenmarkt stonden bij eene herberg 56 wa-
gens en 16 karren. Hoeveel rijtuigen stonden er?
9. Op een boerenhuis zag ik laatst 2 oude en 4 jonge
ooievaars, 12 musschen en 10 spreeuwen; hoeveel
vogels waren op dit huis?
10. In onze klasse staan 6 banken. Op de eerste bank
zitten 8 kinderen, op de-tweede 7, op de derde 9,
op de vierde 10, op de vijfde 6 en op do zesde 5
kinderen. Hoeveel kinderen zijn er in deze klasse?
6.
1. Hoeveel is 7x9? 6x4? 8 x 7? 6 X 9? 9 X 6?
4 X 5? 6 X 6? 3 X 8?
2. Vul in:
Sx6=: 6x9== 2x8=: 7X0= 4x6 =
6x7— 7x8= 8x2= 5x7= 6x4 =
6x8= 4x6= 7x7= 6x4= 7x3 =
4x9= 3x7= 9x9= 8x6= 9x4 =
3x7= 6x9= 6x8= 9x7= 5x3 =
3. Hoeveel is 2x13 (2x10 + 2x3)? 2x16? 3x13?
4x12? 4x18? 2x17?
4. Vul in:
2 X 13 = 2 x 104-2 x 4 x 12 = 4 X 10-H 4 x
2xl7 = 2xl0-+-2x 4x2l=4x20 + 4x
2 xl9 = 2x 104-2X 4 x 23 = 4 x 20-f-4 X
3xl6 = 3xl0 + 3x 5 X 24 = O X 204-5 X
3xl8 = 3xl0-f-3x 5x28 = 3x20-f-3x