Boekgegevens
Titel: Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Deel: Eerste stukje
Auteur: Meurs, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel & Bakker, 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6506
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201430
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opgaven ter berekening uit het hoofd voor de leerlingen der lagere school: behoorende bij de Handleiding voor het rekenonderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
8. Doe dit ook zoo met de getallen: 19, 20 eu 24.
9. Vul nu weder in:
10.
S
G
10 =
17 =
13 =
19 =
20 =
20 =
21 = 13 +
24 = 20 +
9
4
9
24 = 13 H-
18 = 11 4-
20 = 16-4-
31 = 24 +
32 = 16 +
34 = 27 +
36 = 25 +
25 = 13 +
Noem 2 getallen, die te zamen 13 zijn.
die te zamen 16, 12, 20 zijn.
26 = 18 +
33 = 22
33 = 27
21 = 14 +
9 +
23 = 15-+-
28 = 1.^^
50 =: 13
Nog 2,
§ 5.
25 + 26 = 23 + 20 +
36 + 21 = .30-f-20 +
38 + 32 = 38 + 30 +
36 + 34 = 36 + 30 +
27 + 36 = 27 SO -X-
1. Nu weder ingevuld :
14 + 12 = 14+ 10 +
16 + 13 = 16 + 10 +
24 + ll=2i + 10 +
36 +13 = 36 + 10 +
28 + 16 = 28 + 10 +
2. Ook:
16+11= 18+13 =
15+12= 16+14 =
13 + 14= 19+12 =
14+13= 20+13 =
17+12= 21+14 =
5. Op bet land van een boer loopen 8 koeien, 12 scha-
pen, 3 varkens en eone geit; hoeveel beesten loopen
op dat land?
4. Een kind versnoepte op den eersten dag van de ker-
mis 9 centen, op den tweeden dag 6 centen en op
den derden dag 15 centen; hoeveel centen had het
nu wel versnoept?
25 + 14 =
26 + 20 =
27 + 21 =
32+13 =
34+21 =
■30.
18 + 14 =
28 + 14 =
38+14 =
38 + 22 =
39 + 21 =