Boekgegevens
Titel: Meibloempjes: een leesboek voor de middelste klasse der katholieke meisjesscholen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1880
Haaren: J. Cuyten
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6421
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201413
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meibloempjes: een leesboek voor de middelste klasse der katholieke meisjesscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
92
64. De maan.
Des avonds, wanneer de zon is ondergegaan en
het donker wordt , komt een ander groot licht
langzaam aan den hemel op. Het is de maan.
Wij hebben ze gisteren avond nog gezien ; toen
was ze zoo rond als eene schyf en keek ons heel
vriendeiyk aan , als wilde zij zeggen : a Goeden
avond , lieve kinderen !"
Wij kunnen de maan recht in het gezicht zien,
want zij straalt niet zoo sterk als de zon.
De maan speelt gaarne verstoppertje. Pas heeft
zi] zich eens goed vertoond, of zij duikt weg
achter een gordijn van wolken , die dan aan den
zoom schitteren als zilver.
De maan laat ons niet altijd haar vol gelaat
zien ; dikwyls slechts de helft, of nog minder; ja
somtijds in 't geheel niets.
Gij hebt toch zeker al eens van nieuwe maan
en volle maan hooren spreken ? Nu moet gij
ook nog welen , dat de maan haar licht van de
zon ontvangt en dat ze in ongeveer 29 dagen
om de aarde draait.