Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
83
den boven haar hoofd te zamen slaan, en uitroe-
pen : »de hemel beware en behoede ons! waren
dan hiaria's kinderen allen blind?" Daarom moet
ik maar aanstonds antwoorden: neen, blind waren
zij in geenen deele. Integendeel hadden zij zulke
heldere, vriendelijke en vurige oogen , dat het
eene ware vreugde was voor allen, wie zij in
het gezigt zagen. En gelijk dit nu voor anderen
zoo was, veel meer strekte zulks der moeder tot
groote blijdschap ; voor haar teeder lievend hart
was het een roerende aanblik, wanneer de lieve
kleinen haar zoo open en zoo welgemoed aan-
staarden. » Maar waarom zegt misschien deze
of gene mijner lezeressen , »waarom ons dan nut-
teloos verschrikt gemaakt? En indien nu maria's
kinderen zien kunnen , waartoe is het dan noo-
dig , hun dit te leeren, ja hoe is zulks zelfs mo-
gelijk?" Nogmaals (en ik bid u, wordt niet verdrie-
tig) moet ik u zeggen : uw schrik is niet te ver-
geefs, want waarlijk de meeste kinderen zien niet
goed, en misschien is ook dit wel het geval met uwe
eigene lievelingen. »Neen," zegt gij, »dat is al
te boos, dat is met ons den spot drijven;" en
nu grijpt u welh'gt zulk eene ergernis aan, dat
gij allen over mij den staf breekt, en gereed staat
het boek van u te werpen. Doet dit evenwel niet;
want dan kan ik u niet verder verhalen, noch
voor u nuttig zijn. Hoort mij nog een enkel oogen-
blik rustig aan, en het zal u duidelijk wor-
den, wat ik bedoel. Is het niet zoo, wanneer
ik u zeide: uw kind is blind , hoe zoudt gij ver-
6 *