Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
243
Uit het tot hiertoe gezegde zult gij. lieve moe
ders, als van zelf besluiten, dat maria's kinde-
ren, die zoo stipt aan de school werden gehou-
I den , groot nut uit dezelve trokken. En even zeer
, zal het u niet verwonderen, dat zij zelve zich
: met den onderwijzer dikwijls over het gedrag der
haren onderhield. Innig was daarom ook de
dank, dien zij hem betuigde, wanneer hij haar,
I ofschoon zulks zeldzaam gebeurde, op derzelver
verkeerdheden en gebreken opmerkzaam maakte.
! Zoo bereikte zij eeu dubbel doel: de onderwijzer
kreeg kennis van hetgeen in hare woning betrek-
kelijk de kinderen geschiedde, terwijl zn zelve van der-
zelver vorderingen in de school onderrigt werd.
En zoo vereenigden beiden hunne pogingen , om op
de ontwikkeling des verstands en niet minder op
de zedelijkheid der kiuderen weldadig te werken.
Verre van de inrigtingen der school te weerstre-
ven , deed zij veelmeer alles om den haren ach-
ting voor dezelve in te boezemen. »Zonder die
achting," dus sprak zij vaak , »gaat het niet, het
kind moet de bestane bepalingen eerbiedigen. En
even zoo moet het den onderwijzer hoog waarde-
ren , want hierin ligt de eenige grondslag van
liefde lot hem. Ontbreekt zulks, hoe kan dan
het kind van hem iets leeren. I)aai*om moeien
ouders de hoogste omzigtigheid aan den dag leg-
gen. Zij, die den onderwijzer minachten, althans
op eene wijze van hem spreken, die zeer ge-
schikt is , om eenige verkeerde meening van hem
op te vatten, berokkenen daardoor hunneu kin*
16 ^