Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
240
kinderlijke erkentenis te gelijk de vurige bede,
dat Ilij u die reine boedanigheden des harten mag
geven, waardoor alleen uwe kennis voor u zeiven
en voor anderen weldadig wordt. — Doch nog
eens. Ik hoorde u straks uwe medeleerlingen voor
dom verklaren."
»Ja, lieve moeder, en gij gelooft niet, wat
voor verkeerde antwoorden zij dikwijls in de
school geven."
»Zulks wil ik gaarne gelooven. Maar wanneer
nu eens de rijke Opperambtmans zoon u een'
lompert of een' bedelaar noemde » omdat uw vader
ciet zoo welvarend en zoo geëerd is, als de zijne,
en uwe kleederen minder fraai zijn, dan die hij
draagt?"
»Dan zou ik hem ligt in het gezigt slaan en
luide toeroepen: gij leugenaar!"
»Zoo! En zoudt gij dan aldus met reden boos
zijn? — Maar wanneer nu eens uwe medescho-
lieren u insgelijks in het gezigt vlogen, u slagen
gaven, en gij leugenaar!" tot u zeiden, omdat
gij hen dom noemde ?"
»Lieve moeder, gij hebt al wederom gelijk. Ik
zie bet, dat ik hun onregt gedaan heb."
»Merk het op, beste jacob, hoe verkeerd en
liefdeloos wij tegen anderen worden , zoo spoedig
wij ons zeiven verheffen, en vergeten, dat wij on-
ze voorregten aan onze eigene inspanning niet zoo
zeer , maar eigenlijk den hemelschen Vader moeten
dank weten , van wien alleen alle goede gaven eu
volmaakte giften afkomen."