Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
218
en naar vergankelijke pracht? Van waar die lome
looze weelde in eten en drinken, in kleeding en
opschik , huiselijke inrigtingen enz , waardoor het
geluk en de welstand van zoo menige woning, met
eenen geheelen ondergang, bedreigd wordt? Vau
waar die ontevredenheid onder alle standen, en
die liefdeloosheid , waardoor de een zich boven den
anderen zoekt te verhelFen ?
Maria was diep doordrongen van het groote on-
heil, met een hoogmoedig gemoedsbestaan ver-
bonden, en met al haar vermogen poogde zij
dien verkeerden geest tegen te gaan. Niet als of
zij voor ware eer onverschillig was, verre daarvan
daan; zij was veelmeer overtuigd, dat zonder een
betamelijk eergevoel niemand iets groots en heer-
lijks kon ter uitvoer brengen. Zij dacht vaak aan
dat woord des Apostels : het ware mij beter le
sterven, dan dal iemand dezen mijnen roem
%ou ijdel maken. Zij gevoelde zoo de volle waar-
heid van Salomo's uitspraak: een goede naam is
heler dan goede olie. Alleenlijk waakte zij daar-
voor met naauwgezetten ernst, dat hare kinderen ,
die in menig opzigt boven anderen uitmuntten,
dezelven daarom niet in de schaduw trachtten te
plaatsen. Vooral was zij op hare hoede, dat de
haren zich toch niets lieten voorstaan op dingen ,
die in zich zeiven geene waarde hadden. En even
zoo bemerkte zij het, met innig hartenleed, wan-
neer men aan kinderen reeds eene eer bewees, die
alleen den volwassenen toekwam; wanneer jonge
lieden zich aanmatigden , de dienstboden en onder-