Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
208
zult het hebben. Gij droegt dan daarom uw bord
met vleesch zoo licimelijk weg, opdat gij des te
meer visch zoudt kunnen eten?" — »Gewis niet,
goede moeder, ik wilde...." »En wat wildet gij ,
kind?" — »Ik wilde u naderhand nog om wat
groente en wat brood verzoeken, om, om ....—
Moeder, gij dwingt mij om het te zeggen — om
het vleesch en den visch aan de zieke geertruid
te brengen. Zij is zoo arm en lijdt zulke hevige
smarten." — »Maar, mijn kind, ik heb u im-
mers reeds gezegd , dat gij haar na den eten eene
versterkende soep zoudt brengen ," voer maria
hoogst verblijd voort. — »Lieve moeder, geer-
trüld heeft nog een' jonger broeder....." » Goe-
de leentje," viel 3iaria hier in met betraande
oogen. »God zij gedankt, dat gij beter zijt,
dan ik dacht! Ja, haar kleine broertje zal ook
iets van mij hebben, ik zal hem mijn vleesch
geven." — »iVu, zeide albrecht, zijne dierbare
maria de hand drukkende, »dan durf ik ook al-
leen niet achterblijven, op eene andere wijze zal
ik trachten , in beider behoeften te voorzien. Zoo
willen wij dan allen gaarne iets missen , om voor
anderen weldadig te kunnen zijn. Dit zal dan
ook wel de beste dank zijn, dien wij aan God toe-
brengen voor zijne trouwe zorg, waaraan wij leven,
gezondheid en voedsel verschuldigd zijn. Wij
hebben niets, waarmede wij Hem kunnen ver-
gelden , en wat wij ter zijner eer zouden willen
opofferen , is ons eerst uit zijne vaderhand toegeko-
men. Zijne geboden op te volgen, dit, mijne